Onderwijs en examinering

3.1 Studiesucces

Studiesucces staat voor de opbrengsten van de opleiding. We kennen de indicatoren jaarresultaat, diplomaresultaat en startersresultaat voor de niveaus 2 t/m 4. Voor de Entree-opleidingen kennen we de indicator rendement Entree-opleidingen. De Inspectie voor het Onderwijs heeft voor de indicatoren voor niveau 2 t/m 4 normen gesteld waaraan de opleidingen (op bc-niveau) moeten voldoen. De Inspectie voor het Onderwijs gebruikt tegenwoordig driejaarsgemiddelden voor de bepaling van de normen. Door middel van ons in 2012 in gebruik genomen managementinformatiesysteem zijn de gegevens voor de verschillende niveaus ontsloten. In de periode 2016 t/m 2018 zijn op een aantal niveaus de opbrengsten iets lager dan in de voorgaande driejaarlijkse periode. De resultaten echter van alle driejaarsgemiddelden op de diverse indicatoren liggen boven de norm die de Inspectie heeft gesteld. Ook voor eerdere driejaarsgemiddelde perioden was dit het geval. De uitwerking van deze jaarresultaten, diplomaresultaten en startersresultaten is te vinden in bijlage 5. Tevens worden daar ook de rendementscijfers van de Entree-opleidingen weergegeven.

In onze kaderbrief hebben we afgesproken dat 90% van onze opleidingen (op bc-niveau) in schooljaar 2017-2018 voldoet aan de eisen die de Inspectie heeft gesteld. Per locatie zien we de volgende uitkomsten op de indicatoren die studiesucces bepalen:

regio opbrengsten in % 2017 opbrengsten in % 2018
Groningen - Admiraal de Ruyterlaan 92 81
Groningen - Boumaboulevard 88 70
Groningen - Kardinge 100 86
Groningen - Kluiverboom 90 75
Hardenberg 93 83
Hoogeveen 85 85

Percentage opleidingen op niveau 2 t/m 4 dat voldoet aan de inspectienorm voor opbrengsten (jaarresultaat, diplomaresultaat)

De streefwaarden voor het percentage opleidingen met voldoende opbrengsten op 1 oktober 2018 zijn niet altijd behaald. Intern kijken we m.b.t. de indicatoren zowel naar de jaarlijkse opbrengsten als naar de driejaargemiddelde opbrengsten. Op basis van de uitkomsten zetten we een aantal gerichte activiteiten in, die we, naast de sturing op de opbrengsten,  inzetten om de kwaliteit van onze opleidingen te verbeteren. De opbrengsten maar ook gegevens m.b.t. voortijdig ongediplomeerde instellingsverlaters zijn voor de onderwijsteams bekende kwaliteitsindicatoren, die structureel worden gebruikt om het onderwijs te analyseren en verbeterresultaten te benoemen.

Tevens stelt het College van Bestuur samen met de regiodirecteuren jaarlijks vast welke opleidingen een risico-opleiding vormen. Hiervoor zijn onvoldoende driejaarsgemiddelde opbrengsten op de verschillende indicatoren gedurende twee opeenvolgende perioden en een slechte beoordeling van deelnemers voor de opleiding een belangrijke indicator. Regio’s brengen ook zelf opleidingen in op basis van andere redenen dan de eerder genoemde indicatoren. Deze risico-opleidingen worden gedurende een jaar intensief gevolgd door de centrale eenheid Planning & Control. Voor het schooljaar 2017-2018 zijn 16 opleidingen benoemd tot risico-opleiding vanwege onvoldoende opbrengsten. Dit zijn aanzienlijk meer opleidingen dan in het vorige schooljaar. De nieuwe inspectienormen waar naar driejaarsgemiddelden wordt gekeken en waar ook de indicator startersresultaat is opgenomen, zijn hier mede de oorzaak van.

3.2 Deelnemerstevredenheid

Naast studiesucces is ook de tevredenheid van deelnemers een belangrijke indicator voor de kwaliteit van ons onderwijs. Daarom voeren wij vanaf 2013 ieder jaar een deelnemertevredenheidsonderzoek uit. Het ene jaar doen we mee aan de JOB-monitor, het andere jaar voeren we zelf een vergelijkbaar onderzoek (DeTeO) uit. Als streefwaarde geldt hier: de waardering van de studenten is minimaal een 7 op de eigen opleiding en de instelling.

In 2018 heeft het Alfa-college de landelijke JOB-monitor uitgevoerd. Hieronder zijn de resultaten van de JOB-monitor 2018 in een tabel en een tweetal grafieken uitgewerkt, afgezet tegen de resultaten van het DeTeO 2017 en de JOB-monitor 2016. In bijlage 4 is een uitgebreider overzicht van de resultaten in een tabel opgenomen.

Resultaten deelnemertevredenheidsonderzoeken

Resultaten deelnemertevredenheidsonderzoeken
regio Groningen     Hoogeveen     Hardenberg     Alfa-college     Landelijk gemiddelde    
  2016 2017 2018 2016 2017 2018 2016 2017 2018 2016 2017 2018 2016 2017 2018
% respons 58 68 63 61 74 68 67 72 66 60 70 64      
rapportcijfer opleiding 7,2 6,8 7,2 7,3 7 7,4 7,3 7 7,3 7,2 6,9 7,2 7 7 7,1
rapportcijfer instelling 7,1 6,8 7 6,5 6,6 6,5 6,9 6,9 6,9 6,9 6,7 6,9 6,5 6,6 6,7

Respons deelnemertevredenheidsonderzoeken

Rapportcijfers in deelnemertevredenheidsonderzoeken

De deelnemertevredenheid ligt weer op het niveau van 2016. Het zal niemand verwonderen dat wanneer onze deelnemers onze opleidingen weer hoger waarderen dan vorig jaar, de resultaten op de diverse clusters ook weer hoger zijn en zich bijna weer bevinden op het niveau van de JOB 2016. Waar (Studie)loopbaanbegeleiding vorig jaar erg onderuit ging, zien we hier toch weer een mooie verbetering t.o.v. vorig jaar en op sommige locaties zelfs t.o.v. de JOB 2016. Het cluster ‘Rechten en plichten’ scoort op alle locaties onvoldoende! Blijkbaar informeren wij onze studenten onvoldoende m.b.t. deze thema’s. De scores zijn beduidend lager dan in de twee voorgaande jaren.

Nog steeds zijn studenten niet tevreden over de wijze waarop (ondanks spreekbuizen, deelnemergesprekken, deelnemerpanels etc.) wij hen naar hun mening vragen. De tevredenheid hierover is in de meeste gevallen gedaald. Het percentage studenten dat niet weet dat er een deelnemersraad is, is gestegen! Ook het percentage studenten dat actief mee wil praten is sterk gedaald! Hier is nog wel een wereld te winnen voor onze organisatie.

Het contact met en de waardering voor de docenten wordt in de meeste gevallen wel voldoende beoordeeld evenals het feit dat deelnemers weten waarom ze iets leren. Echter, de mening van studenten over lesmateriaal en het gebruik van lesmateriaal is negatief te noemen. Ook missen veel deelnemers de uitdaging en zien ze het nut van bepaalde lessen niet in.

De onderliggende resultaten van de JOB-monitor 2018 zijn op verschillende niveaus ontsloten: opleiding (cluster van bij elkaar horende crebo’s), team, locatie, opleidingsmanager, regio en instelling. Dit geeft de mogelijkheid om op de verschillende niveaus en doorsnijdingen de resultaten te analyseren. Zo worden de resultaten met de deelnemers besproken, maar ook in teamverband. De dialoog over de resultaten is onderdeel van de verantwoordingsgesprekscyclus in de instelling. In de teamplannen worden op basis van de gesprekken met deelnemers over de resultaten specifieke verbeteracties opgenomen. Ook worden op locatieniveau en op regioniveau gerichte afspraken gemaakt op basis van de resultaten en de analyses, die moeten leiden tot een verbetering van de deelnemertevredenheid.

Naast de centraal uitgevoerde deelnemertrevredenheidsonderzoeken worden er door de teams jaarlijks meerdere gesprekken gevoerd met deelnemers, waarin gezamenlijk besproken wordt wat goed gaat en wat beter kan. Ook deze gesprekken leiden tot verbeteracties, waarvan de resultaten weer terugkomen in de volgende rondes van gesprekken.

Klachten

Het Alfa-college heeft een eigen, onafhankelijke klachtencommissie waartoe in- en externe klagers zich kunnen wenden als ze een klacht willen indienen over de wijze waarop medewerkers of studenten van het Alfa-college zich in een bepaalde gelegenheid hebben gedragen.

De Klachtencommissie heeft in 2018 vier klachten in behandeling genomen. In 2017 zijn drie klachten behandeld door de Klachtencommissie.

Van de ingediende klachten in 2018 zijn drie klachten door de Klachtencommissie ongegrond verklaard. Deze drie klachten hadden als gemeenschappelijk thema dat volgens de klager de onderwijsovereenkomst op onjuiste gronden was beëindigd. Eén klacht is gegrond verklaard. Het betrof een klacht waarbij voor de klager zowel de te volgen procedure als de communicatie daaromtrent onduidelijk was, waardoor de klager aantoonbaar schade heeft geleden. 

Van deze klachten hebben we in zijn algemeenheid geleerd dat duidelijke communicatie richting de student en zijn wettelijke vertegenwoordigers (voor zover van toepassing) kan helpen dergelijke klachten te voorkomen. Daar waar de procedure onduidelijk was, is de verantwoordelijke directeur gevraagd deze te analyseren en te verbeteren.

3.3 Passend onderwijs

Binnen het Alfa-college is de visie t.a.v. Passend onderwijs dat alle studenten het onderwijs kunnen volgen dat bij hen past. Dit betekent dat het Alfa-college hen onderwijs aanbiedt dat van goede kwaliteit is en dat er een ondersteuningsaanbod is voor de studenten die dat nodig hebben. Dit ondersteuningsaanbod heeft tot doel dat alle studenten van het Alfa-college een succesvolle leerloopbaan hebben en diplomaperspectief hebben en houden. De waarden van het Alfa-college zijn vertrouwen, verbinden en ondernemen. Vanuit deze waarden geven we vorm aan begeleiding.

Vertrouwen

We bieden de student ruimte en verantwoordelijkheid in een veilige omgeving gecoacht door de mentor of coach. We willen duidelijk zijn en gestructureerd onderwijs en gestructureerde ondersteuning aanbieden. We gaan in gesprek met de ander om de ander te begrijpen en passend te begeleiden. De student mag leren van zijn fouten en mag rekenen op een goede ondersteuning en begeleiding.

Verbinden

We begeleiden zo dicht mogelijk in het onderwijsproces en bij de student. De mentor of coach gaat voor een duurzame relatie via persoonlijke aandacht en een vriendelijke benadering. De mentor is de spil in de begeleiding. In de groepsbegeleiding staan beroep, loopbaan en burgerschap centraal. De student groeit als vakman en als persoon. Waar nodig zullen we samen met externen een gezamenlijke aanpak van ondersteuning bespreken.

Ondernemen

De onderwijsteams van de locaties zin medeverantwoordelijk voor de inrichting van de ondersteuning. Het aanbieden van begeleiding is ingericht naar vraag en behoefte, weergegeven in een ondersteuningsprofiel per locatie. We coachen op mogelijkheden en kansen. We begeleiden de student in het ontwikkelen van zelfreflectie. De begeleiding richt zich op toenemende zelfredzaamheid en toenemend probleemoplossend vermogen. We zetten in op professionaliteit van het onderwijsteam. Interne experts ondersteunen en ontwikkelen de coaches in handelingsbekwaamheid op het vakgebied van het mentoraat.

Organisatie en inrichting van Passend onderwijs

Het Alfa-college vindt dat alle studenten evenveel recht hebben op ondersteuning. Alle studenten met een ondersteuningsbehoefte kunnen passende ondersteuning ontvangen. Dus niet alleen gericht op ondersteuning van studenten met een beperking of chronische ziekte, maar gericht op alle studenten die begeleiding nodig hebben. Dit betekent dat we bijvoorbeeld ook ondersteuning in verband met een complexe of problematische thuissituatie tot passend onderwijs rekenen. Veel van de begeleiding vindt plaats dicht bij de student in het onderwijs. De coach/mentor en het loopbaancentrum registreren de gesprekken in het leerlingvolgsysteem.

De begeleidingsstructuur wordt uiteengezet in de fasen instroom, doorstroom en uitstroom. Van reguliere begeleiding naar ondersteunende en intensieve begeleiding en maatwerk. Van centraal naar decentraal. Vanuit beleidskaders naar voldoende ruimte voor eigen invulling door decentrale professionals. Zo heeft elke locatie een ondersteuningsprofiel opgebouwd dat de begeleiding omschrijft die op de locatie mogelijk is. We onderscheiden 6 typen ondersteuning in de arrangementen van het locatie-ondersteuningsprofiel: oriëntatie, studievaardigheden, sociaal-emotioneel/psychisch, spijbelen en verzuim, cognitieve grenzen en multi-problematiek. Een minimaal aanbod is centraal afgesproken rondom de reguliere basisbegeleiding voor het gehele Alfa-college.

Documenten Passend onderwijs

Rond begeleiding kent het Alfa-college een aantal documenten die de organisatie van Passend onderwijs beschrijven. Het beleidsdocument ‘Begeleiden op het Alfa-college’ is een document over begeleiden en coachen en is bestemd voor bestuurders, managers, teams en ondersteunende stafdiensten. Het document beschrijft de visie, de kaders en de landelijke wet- en regelgeving hierin. Het kent een indeling naar instroom, doorstroom en uitstroom. Het beleidsdocument is te vinden op de interne site en op de externe website van het Alfa-college. De dienst Onderwijs & Kwaliteitszorg zorgt voor de borging van de documenten.

De mogelijkheden tot begeleiding zijn in het ‘Ondersteuningsprofiel Passend Onderwijs Alfa-college’ beschreven. We maken hierbij onderscheid tussen een intern en een extern ondersteuningsprofiel. Het externe ondersteuningsprofiel heeft een belangrijke functie in de communicatie over begeleiding naar buiten. Hiermee krijgen aspirant-studenten en hun ouders een idee van de mogelijkheden voor begeleiding op het Alfa-college. Ouders kunnen de locatie-ondersteuning inzien op de website van het Alfa-college. Het interne ondersteuningsprofiel is belangrijk voor de interne afstemming rondom begeleiding en is een samenvatting van de ondersteuningsprofielen van de diverse locaties van het Alfa-college. Het ondersteuningsprofiel op locatie is een document (in verslagvorm en schema) waarin elke locatie per intensiviteitsniveau de basisondersteuning en de intensieve extra ondersteuning met de diverse arrangementen beschrijft. Een minimaal aanbod is afgesproken rondom de reguliere basisbegeleiding en m.b.v. een scan is bij onderwijsteams in beeld gebracht in hoeverre zij aan het beleid omtrent de reguliere basisbegeleiding voldoen.

Het Alfa-college heeft bij het aanvragen van faciliteiten voor studenten een vaste procedure ingevoerd waarbij het studentvolgsysteem in de aanvraag voor een aangepast examen ondersteunt. De orthopedagogen leggen de deskundigheidsverklaring voor een aangepast examen voor goedkeuring voor aan de sub-examencommissie . Deze commissie beslist over de toekenning van gevraagde faciliteiten.

Samenwerken in de regio

De 8 mbo-instellingen vanuit de provincie Groningen, Friesland en Drenthe hebben de traditie, waar dit mogelijk en gewenst is, te streven naar gezamenlijkheid. Op donderdag 4 april 2019 organiseren de Noordelijke mbo's een studiemiddag over Passend onderwijs ‘Verrassend Passend’, op weg naar inclusief onderwijs in het mbo.

Per regio zijn er verschillende samenwerkingspartners waarmee het Alfa-college afspraken maakt. Het Alfa-college vindt het erg belangrijk te anticiperen in diverse trajecten gericht op het verminderen van het voortijdig schoolverlaten in samenwerking met andere mbo-instellingen, de gemeenten en de zorgpartners in de regio. Samen met de gemeentes (Leerplicht/RMC/ SoZaWe/ jeugdzorg/WMO) gaan we in het mbo voor de 'integrale aanpak'. Het begeleidingsaanbod (de activiteiten en trajecten om voortijdig schoolverlaten te voorkomen) wordt met de gemeente afgestemd op de specifieke ondersteuningsvraag. Partijen weten elkaar te vinden in het zoeken naar een geschikt traject.

Tevredenheid

Het deelnemertevredenheidsonderzoek dat in 2018 is uitgevoerd (JOB-monitor 2018) geeft aan dat studenten het Alfa-college een ruime voldoende geven voor de begeleiding bij de opleiding. Studenten met een beperking tonen zich in het onderzoek zeer tevreden over het feit dat de docenten voldoende rekening houden met hun beperking. We kunnen concluderen dat studenten tevreden zijn over onze inrichting van het Passend onderwijs en dat deze voldoet aan de vraag van de studenten.

 

3.4 Keuzedelen

In 2018 is ons aanbod aan keuzedelen gegroeid van 140 naar 178 verschillende keuzedelen. Dat is circa 17% van het totale landelijke aanbod. De bron voor het landelijke aanbod aan keuzedelen, waaronder ook de generieke en certificeerbare keuzedelen, is de Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Opmerkelijk is dat 80 van de 178 keuzedelen unieke keuzedelen zijn die telkens slechts op uitsluitend één locatie worden aangeboden (als voorbeeld: het keuzedeel 'Artwork en dessins' wordt alleen op de locatie Boumaboulevard in Groningen aangeboden). Dat duidt er op dat locaties eigenstandige keuzes maken voor die opleidingen die uitsluitend op die specifieke locatie worden aangeboden. Het duidt er ook op dat op locaties, ook al zijn er verwante of gelijke opleidingen op andere locaties, in eerste instantie per locatie wordt gekozen. Daarmee is het aanbod vooral een teamaanbod dat eventueel tegemoet kan komen aan regionale wensen. In bijlage 7 worden de keuzedelen getoond. 

Het aanbod wordt door middel van het digitale programma ‘All you can learn’ aangeboden. Door het toegenomen aantal keuzedelen wordt de student meer persoonlijke keuzevrijheid gegeven, is het aanbod flexibeler geworden en kan de student plaats- en tijdonafhankelijk leren.

Van het totale aanbod van 61 generieke keuzedelen zijn er 38 opgenomen in het aanbod van het Alfa-college. Digitale vaardigheden, Duits, Ondernemend gedrag en Ondernemerschap zijn daarin veelgemaakte keuzes. Op alle locaties, m.u.v. het RTC in Hardenberg, is het keuzedeel Voorbereiding HBO opgenomen in het aanbod.

Van de 178 keuzedelen die in het aanbod zitten zijn er 33 certificeerbaar met een mbo-certificaat. Het gaat daarbij om keuzedelen die een meerwaarde hebben voor werkenden en werkzoekenden in het kader van een leven lang ontwikkelen (LLO).  

Het keuzeproces rondom de keuzedelen wordt begeleid door de coach. Steeds vaker wordt dit proces aan de student overgelaten. Studenten kiezen uit een klassikaal of persoonlijk aanbod. Die laatste mogelijkheid is vooral ingegeven door de wijze waarop ‘All you can learn’ dit mogelijk maakt.

Op basis van ondermeer bovenstaande input is vanuit bedrijfsvoering een initiatief gestart om te komen tot een visie op keuzedelen. Daarin wordt meegenomen: het aanbod, de koppelingen die behoren bij de opleidingen, het al dan niet aanbieden van een breder aanbod of zelfs vrij laten van het gehele aanbod voor alle studenten op het Alfa-college. Optimale keuzevrijheid lijkt voor teams en studenten een steeds groter goed te worden. In het kader van meer flexibilisering van aanbod en ruimere mogelijkheden tot oriëntatie op keuzedelen die geen directe binding hebben met het beroep stellen we ons de vraag hoe dat te organiseren. Tenslotte moet worden overwogen het aantal certificeerbare keuzedelen in het kader van een leven lang ontwikkelen uit te breiden.

Tenslotte maakt het Alfa-college ook dit jaar geen gebruik van de mogelijkheid voor mbo-instellingen om af te wijken van de keuzedeelverplichting in het kader van persoonlijke, culturele of levensbeschouwelijke vorming. Ook zijn er geen verzoeken van individuele studenten gekomen om gebruik te maken van de mogelijkheid om niet-gekoppelde keuzedelen te mogen kiezen, keuzedelen dus die niet aan de kwalificatie zijn gekoppeld behorende bij de opleiding die hij volgt en wel in het aanbod van het Alfa-college zitten. Tenslotte zijn er geen keuzedelen uit het aanvankelijke aanbod geschrapt vanwege niet-doelmatige redenen.

3.5 Aanpassingen mbo-opleidingenaanbod

Binnen het Alfa-college is een procedure voor het starten en stoppen van opleidingen. Inhoudelijk is deze procedure gebaseerd op de kaders die zijn vastgesteld voor ons opleidingenaanbod.

De procedure voor het starten en stoppen van opleidingen in het schooljaar 2017/2018 heeft geleid tot de volgende opleidingen die zijn gestart per 1 augustus 2018:

regio crebonr. leerweg niv. opleiding
Hardenberg 25007 BBL 3 Allr. montagemedewerker industrieel produceren met hout
  25008 BBL 2 Montagemedewerker industrieel produceren met hout
Groningen 25160 BOL 4 Leidinggevende team/afdeling/project

De opleiding Industrieel produceren met hout is gestart in afstemming met Houtdatwerkt, de uitvoeringsorganisatie van de Stichting Sociaal en Werkgelegenheidsfonds Timmerindustrie (SSWT). De opleiding Leidinggevende, die reeds op de locatie Adm. de Ruyterlaan in de BBL werd uitgevoerd, is op de locatie Kardinge gestart om studenten in de opleiding Uniformberoepen een opleiding op niveau 4 aan te bieden, waardoor zij kunnen doorstromen naar het hbo.

Ook is in 2018 besloten om met ingang van 1 augustus 2019 te starten met de opleiding Junior stylist (crebonr. 25526, BOL4) in de regio Groningen. Dat besluit is genomen om studenten die in 2018 starten met de opleiding Specialist mode-/maatkleding (BOL niveau 4), de gelegenheid te bieden om per 1 augustus 2019 over te stappen naar het tweede leerjaar van de opleiding Junior stylist zonder dat dit voor hen leidt tot studievertraging.

In het schooljaar 2017-2018 is ook besloten een aantal opleidingen voor het eerst aan te bieden, die echter niet zijn gestart per 1 augustus 2018 vanwege onvoldoende belangstelling. Het gaat daarbij om de volgende opleidingen:

regio crebonr. leerweg niv. opleiding
Groningen 25125 BBL 2 Betontimmeren
  25187 BBL 4 Applicatieontwikkelaar
  23078 BBL 4 Vakman-ondernemer

In het schooljaar 2017-2018 zijn geen besluiten genomen om opleidingen te stoppen per 1 augustus 2018.

In 2018 stond het onderwerp doelmatigheid van opleidingen hoog op de agenda van de MBO Raad, met name de doelmatigheid van de creatieve opleidingen. Uit onderzoek is gebleken dat het aantal studenten van creatieve mbo-opleidingen is gegroeid van 650 in 2005 tot bijna 60.000 in 2016. De omvang van de arbeidsmarkt voor creatief opgeleiden is hierbij achtergebleven en werkzaamheden zijn complexer geworden. Dit heeft er mede toe geleid dat de arbeidsmarktpositie van gediplomeerden van creatieve mbo-opleidingen doorgaans matig tot soms onvoldoende is. Dit in tegenstelling tot veel andere mbo-opleidingen waarvan het arbeidsmarktperspectief voldoende tot goed is. Voor het Alfa-college gaat het om de opleidingen Mediavormgever en Specialist mode/maatkleding.

De gesprekken over doelmatigheid hebben geleid tot een afspraak binnen de MBO Raad om het landelijk aantal ingeschreven studenten voor de opleidingen Artiest, DTP, Mediavormgever en Specialist mode/maatkleding in 2019 niet te laten stijgen ten opzichte van het aantal ingeschrevenen in 2017.

Ten aanzien van onze opleidingen Specialist mode/maatkleding en Mediavormgever hebben we het volgende besloten: voor de opleiding Specialist mode/maatkleding nemen we geen specifieke maatregelen, zoals een numerus fixus. We zien al enige jaren een negatieve trend als het gaat om de instroom in deze opleiding. Een eventuele numerus fixus zou daarop een versterkend effect kunnen hebben. Om de opleiding doelmatig te kunnen uitvoeren is een instroom van plm. 20 studenten gewenst. Ondanks het ontbreken van een numerus fixus gaan we uit van een kleiner aantal studenten in de opleiding per 1 oktober 2019 in vergelijking met 1 oktober 2017. Voor de opleiding Mediavormgever is besloten deze opleiding met ingang van 1 augustus 2019 vierjarig te maken (opdat meer hardware-onderwerpen in de opleiding worden opgenomen). Dit betekent dat er aan het eind van het schooljaar 2021/2022 geen studenten van deze opleiding op de arbeidsmarkt komen. Het betekent ook dat per 1 oktober 2022, in het schooljaar 2022/2023, bij de volledige uitrol van het vierjarige opleidingstraject er - bij een min of meer gelijkblijvende belangstelling voor deze opleiding - meer studenten in deze opleiding zitten dan per 1 oktober 2017. De uitstroom op de arbeidsmarkt aan het eind van het schooljaar 2022/2023 is echter niet groter dan in voorgaande jaren.

In het reguliere overleg tussen de noordelijke mbo-instellingen is doelmatigheid al een aantal jaren onderwerp van gesprek. In dat kader vindt afstemming plaats en worden afspraken gemaakt over verschillende onderwerpen zoals: beperking van het aantal studenten in bepaalde opleidingen, inschrijving van studenten bij opleidingen met een numerus fixus (loting of volgorde van aanmelding) en handelwijze bij voornemens om opleidingen te (her)starten of te stoppen.

3.6 Kwaliteitsafspraken

3.6.1 Kwaliteitsplan

Terugblik over de afgelopen jaren

2018 was het afsluitende jaar van het Kwaliteitsplan Alfa-college 2015-2018. Terugkijkend op de afgelopen jaren hebben we ons de vraag gesteld waarover we tevreden zijn in relatie tot het kwaliteitsplan:

  • Voor professionalisering geldt dat we trots zijn op de bereidheid van onze medewerkers om zich continu verder te professionaliseren. Dit blijkt onder andere uit de tevredenheid van de medewerkers over de mogelijkheden voor professionalisering en het gegeven dat het professionaliseringsbudget de laatste jaren sterk verhoogd en ook volledig uitgeput is. Ook zijn we trots op ons leiderschapsprogramma, waarin we steeds meer met elkaar werken aan de vraag hoe wij leiding geven aan de organisatie met de strategische bedoeling voor ogen. Niet onvermeld mag blijven de doorontwikkeling van LONT, waarbij de professionaliseringsvraag vanuit de medewerkers en teams steeds meer centraal staat.
  • Voor de VSV-aanpak geldt dat we vooral trots zijn op de toegenomen bewustwording bij de onderwijsteams, dat het gaat om studenten die om welke reden dan ook hun opleiding afbreken en veelal gedesillusioneerd de instelling verlaten. Er wordt steeds meer gekeken naar waar we wel invloed hebben op het voorkomen van vervroegde schoolverlaters.
  • Excellentie staat in de loop der jaren echt op de agenda. Waar de meeste medewerkers eerst nog terughoudend waren over nut en noodzaak van excellentieprogramma’s, staan dat nu niet meer ter discussie en worden er steeds meer excellentieprogramma’s ontwikkeld en aangeboden.
  • De innovatiekracht in de instelling. Op heel veel plaatsen wordt op een geheel eigen wijze gewerkt aan innovatieve onderwijsprogramma’s. De uitgevoerde onderzoeken naar de effectiviteit geven aan dat er veel energie zit bij de onderwijsteams om samen met onze omgeving en studenten onderwijsinnovatie vorm te geven.

Zoals we in ons vorige bestuursverslag al hebben vermeld, is een groot deel van de te realiseren doelen uit het ‘Kwaliteitsplan Alfa-college 2015-2018’ geïncorporeerd in de reguliere werkzaamheden van zowel de ondersteunende diensten als de onderwijsteams. De inzet van de middelen is in de reguliere jaarrekening van het Alfa-college verantwoord, zoals wettelijk verplicht is.

Het Alfa-college heeft in de lijn gestuurd op de geformuleerde doelen uit het strategisch plan en dus ook op de resultaten uit het kwaliteitsplan. Deze sturing vond plaats op basis van de reguliere beleidscyclus. De regio’s maakten op basis van de jaarlijkse kaderbrief hun plannen en legden over de realisatie driemaal per jaar verantwoording af in de jaarplangesprekken. De MI-tool ondersteunde de organisatie hierbij op een aantal betekenisvolle indicatoren, zoals bijvoorbeeld voortijdige schoolverlaters en opbrengsten (jaar-, diploma- en startersresultaat).

Het kwaliteitsplan heeft toegevoegde waarde gehad voor het Alfa-college, omdat het de focus heeft gericht op een aantal specifieke thema’s. Door het expliciet benoemen van de gewenste ontwikkeling op deze thema’s, heeft de organisatie meer bewust gewerkt aan de uitwerking van een aantal strategische koersuitspraken.

Belangrijk voorbeeld hiervan is het thema excellentie, dat zonder de kwaliteitsafspraken waarschijnlijk veel moeilijker tot ontwikkeling was gekomen. Voor professionalisering geldt dat vooral in de tweede fase (na de tussenevaluatie) focus is aangebracht op de gewenste ontwikkeling. Voor de versterking van Taal en Rekenen zijn minder grote stappen gezet. Hoewel er hard gewerkt is aan de kwaliteitsverbetering van de gebruikte methodes en de professionalisering van de docenten, heeft de steeds weer uitgestelde besluitvorming over het wel of niet meetellen in de zak-slaagregeling voor rekenen een negatieve uitwerking gehad op de resultaten van de studenten op de genoemde vakken.

Uitwerking en rapportage per thema

Hieronder volgt per thema uit het kwaliteitsplan 2015-2018 een overzicht van de ontwikkelingen in 2018.

Professionalisering

Gekoppeld aan de kwaliteitsagenda is het afgelopen jaar aandacht besteed aan: leiderschapsprogramma, strategische personeelsplanning, doorstroom docenten, doorstroom ondersteunend personeel, vraaggerichte ontwikkeling vanuit LONT, inspiratie en aanzet tot leren en continu verbeteren. In hoofdstuk 4 ‘Personeel’ worden deze onderwerpen verder uitgewerkt.

Specifiek kijkend naar de aan het begin van de planperiode geformuleerde doelen geldt dat we op de meeste doelen grote stappen gezet hebben. De doorontwikkeling van het middenmanagement gaat minder snel. Een belangrijke oorzaak hierbij is het verloop van opleidingsmanagers en diensthoofden. Dit wordt onderkend als een risico met betrekking tot het realiseren van de strategische keuzes, zij moeten immers de teams begeleiden in de gewenste ontwikkeling. Ook de doorstroom LB-LC-LD is ondanks nieuw ontwikkeld beleid achter gebleven bij de streefwaarde. Het HR-beleid is op de meeste onderdelen doorontwikkeld. Er zal de komende tijd geëvalueerd moeten worden of de doorontwikkeling het gewenste effect heeft gehad. De lerarenagenda is grotendeels doorgevoerd. Wat nog beter kan is een gerichte inzet van docenten met een masteropleiding met betrekking tot innovatie en kwaliteitsverbetering.

Intensivering van het taal- en rekenonderwijs

Op alle locaties is er een ondersteuningsaanbod voor reken- en taalzwakke studenten en er is een jaarlijks terugkerend aanbod voor de scholing van docenten taal en rekenen. 

Nederlands

  1. Taalbewust beroepsonderwijs is gestart met een nulmeting en vervolgstappen zijn uitgevoerd. De gesprekken met het team maken docenten bewust van taal in het vak of beroep.
  2. Het expertteam heeft instrumenten voor de nulmeting en implementatie van 'Taalbewust beroepsonderwijs' ontwikkeld. De leden van het expertteam zetten dit verder uit op de locaties.

Engels

  1. Docenten bieden de lessen zoveel mogelijk in de beroepscontext aan. Binnen de vakgroepen is dit een continu aandachtspunt. Er is een verbinding gemaakt tussen generiek Engels en beroepsspecifiek Engels.
  2. De verbinding met internationalisering vindt wisselend plaats.

Rekenen

  1. Het rekenaanbod en ondersteuningsaanbod is gecontinueerd.
  2. Vanuit het expertteam rekenen zijn diverse activiteiten gestart en vormgegeven in het kader van 'Drieslag Functioneel rekenen'.

Terugkijkend naar de geformuleerde doelen aan het begin van de planperiode kan gezegd worden dat de meeste doelen niet gerealiseerd zijn. De resultaten blijven achter bij de geformuleerde streefwaarden. Dit ondanks de forse investering van de laatste jaren in zowel de kwaliteitsverbetering van de docenten (alle docenten zijn bevoegd of geschoold voor de vakken Nederlands, Engels en rekenen, voor zover ze in die vakken lesgeven) als de gebruikte methode 'Drieslag taal' en 'Drieslag rekenen'. Dit vraagt een nadere analyse, die in het voorjaar van 2019 zal worden uitgevoerd.

Terugdringen van voortijdig schoolverlaten (VSV), waaronder de begeleiding van jongeren in een kwetsbare positie

  • Effect meten van het nieuwe toelatingsbeleid op VSV: de effecten van het nieuwe toelatingsbeleid zullen in het schooljaar 2018-2019 zichtbaar worden. De dienst Onderwijs & Kwaliteitszorg (O&K) heeft samen met de centrale VSV-beleidsmedewerker gezorgd voor een hernieuwde versie van het toelatingsbeleid in combinatie met een plan van aanpak voor een inhoudelijke evaluatie.
  • Borging van afspraken over verzuim: de themagroep Begeleiden en Coachen van de dienst O&K is bezig de protocollen bij te stellen.
  • Goede doorstroombegeleiding van gediplomeerde Entree-studenten: er is doorgegaan met de bestaande aanpak. We zien ook dat VSV onder de entree-studenten vanaf schooljaar 2016-2017 is afgenomen en we voor deze doelgroep onder de landelijke norm presteren. Zie ook de tabel aan het einde van deze paragraaf
  • Ondersteuning bij maatschappelijke problematiek van studenten: we zijn conform plan doorgegaan met de bestaande aanpak op de verschillende locaties.
    In Groningen is een SAW-medewerker op iedere locatie ingezet. School Als Wijk (SAW) is een provinciale samenwerking van gemeenten waarbij de hulpverleners vanuit verschillende organisaties en met verschillende achtergronden op een mbo school te vinden zijn voor alle leerlingen en docenten.
    in Hoogeveen werkt het Alfa-college samen met het ROL-overleg. Bureau Recht op Leren (ROL) is een samenwerking tussen de gemeenten De Wolden, Hoogeveen, Meppel en Westerveld. Deze gemeenten zijn een samenwerkingsverband aangegaan op het gebied van leerplicht en RMC.
    In Hardenberg wordt samengewerkt met het MEE, een onafhankelijke cliëntondersteuning in de gemeente Hardenberg voor onder andere leren en werken.

Kijkend naar de hele planperiode waren vooral veel activiteiten gepland, zonder daaraan gekoppelde resultaten te benoemen. Veel van die activiteiten zijn gerealiseerd. De onderwijsteams voelen zich steeds meer verantwoordelijk voor het voorkomen van uitval van studenten.  Resultaat van al de inspanningen is dat het Alfa-college voor alle niveaus onder de landelijke norm voor VSV scoort.

Excellentie

De visie is in het eerste kwartaal van 2018 bijgesteld en als volgt geformuleerd:
Redenerend vanuit ons strategisch doel: 'Wij dagen studenten uit in een verantwoorde leeromgeving het beste uit zichzelf te halen' (koersuitspraak 1) zou het geweldig zijn als het Alfa-college per1 augustus 2019 een volwaardig excellentieprogramma heeft, waarbij alle locaties een passend aanbod hebben voor studenten op hun locatie. Dit aanbod is dan verrijkend en uitdagend, boven-curriculair en passend bij het niveau van de student. In de programma’s wordt dan zichtbaar steeds meer gebruik gemaakt van innovatieve onderwijsmethoden en een daarbij passende didactiek. Het aanbod kan zowel vakspecifiek als vakoverstijgend zijn en heeft een duidelijke meerwaarde voor de student. Bij het Alfa-college richten de excellentieprogramma’s zich op vakmanschap, innovatie, internationalisering en MBO-plusprogramma’s.

Excellentieprogramma’s die in schooljaar 2018-2019 worden aangeboden:
Er is een directe verbinding gerealiseerd tussen de excellentieprogramma’s en de innovatieplannen uit het innovatiebudget. De regisseur voor excellentie is betrokken geweest bij de selectie van de innovatieplannen. Enkele plannen die niet zijn geselecteerd voor financiële ondersteuning uit het innovatiebudget zijn via de regisseur doorverwezen naar de mogelijkheid om deze in een volgende ronde aan te melden als excellentieprogramma.

Excellentieprogramma’s die in schooljaar 2018-2019 worden aangeboden:

Programma’s
Excellentie programma Duits
E-Dzign
Excellentieprogramma Hardenberg
In je element met je talent
Instructeur BLS AED
Topacademie
Creatief vakmanschap/ werkplaatsleren
Skills
Alfa’s Goud
Ondernemersacademie
Feel Good
Excelleren met opdrachten uit het bedrijfsleven

Skills/vakmanschap
De deelname aan Skills is dit schooljaar gegroeid naar een deelname van 18 teams in 2017-2018 naar 35 teams in 2018-2019. Skills leent zich uitstekend voor inbedding in het reguliere curriculum.

Innovatie
Er zijn gesprekken gaande met projectleiders van verschillende RIF-projecten om vanuit deze projecten innovatieve excellentieprojecten op te stellen en deze volgend schooljaar als pilot aan te bieden.

Ook is verbinding met de innovatieplannen die vanuit het innovatiebudget gefinancierd worden versterkt door een directe betrokkenheid van de regisseur van excellentie bij de selectie van de ingediende innovatieplannen. Als gevolg hiervan zijn enkele innovatieplannen als innovatieve excellentieplannen uitgevoerd..

Internationalisering
Taalprogramma’s in het kader van internationalisering zijn er voor Duits, Engels en Spaans.
Specifieke excellentieprogramma’s voor internationalisering, die in 2018 worden aangeboden zijn:

Programma’s internationalisering
Cambridge Engels
Goethe Duits
Excellentie en burgerschap over de grens
Excursie Ierland
Doelbewust naar het buitenland

In het schooljaar 2018-2019 worden de kaders voor een internationaal excellentieprogramma verder uitgewerkt.

MBO-plus 
Plusprogramma’s zijn gericht op o.a. uitdagende opdrachten op de snijvlakken van opleidingen (crossovers) en hbo-doorstroom. Op verschillende locaties is verder gewerkt aan de ontwikkeling van mbo-plus-programma’s. Op 4 van de 6 locaties worden op dit moment mbo-plus-programma’s aangeboden. In alle regio’s worden multidisciplinair en multilevel innovatieve projecten ontwikkeld met uitdagende opdrachten voor studenten. Ook worden er speciale projecten uitgevoerd, zoals het Johan Cruyff College (Topsportregeling) en de ondernemersacademie.

Zichtbaarheid excellentie intern en extern vergroten
De zichtbaarheid van excellentie is vergroot door in juni 2018 ‘Alfa’s Goud’ in de biotoop in Haren te organiseren waar excellente studenten en bedrijven in de spotlights werden gezet.
Dit evenement is ervaren als succesvol en een mooi platform om excellentie en het bedrijfsleven gezamenlijk voor het voetlicht te plaatsen. Met de aandachtspunten van dit evenement wordt in het voorjaar 2019 vervolg gegeven aan een feestelijke uitreiking van de genomineerden van Alfa’s Goud.

Hoewel we de verschillende doelen van het oorspronkelijke kwaliteitsplan grofweg gerealiseerd hebben en excellentie op de agenda staat, blijkt dat het automatisme in de organisatie om aan excellentie te werken nog niet overal voldoende ontwikkeld is.

 

3.6.2 BPV-verbeterplan

Het schooljaar 2017-2018 was het tweede en laatste jaar waarin we in het Alfa-college gewerkt hebben aan de verbetering van de BPV volgens het BPV-verbeterplan. De beoogde resultaten in het BPV-verbeterplan zijn uitgewerkt in de definitieve resultaten voor 2018.

Als we naar de resultaten kijken, kunnen we niet anders dan de conclusie trekken dat zowel studenten als BPV-bedrijven zeer tevreden zijn over de begeleiding van het Alfa-college voor en tijdens de BPV. Toch moeten we constateren dat we de in het verbeterplan opgenomen ambities niet helemaal hebben gerealiseerd. 

De verantwoording van de resultaten beslaat twee onderdelen op basis van de clusterscores BPV in de JOB-monitor 2018, te weten de clusterscores voor de BOL-opleidingen en de clusterscores voor de BBL-opleidingen, beide op bc-niveau en opbrengsten uit de Alfa-college brede BPV-enquête, die middels de ROC Spiegel is afgenomen.

Op basis van de JOB monitor:

  • Ten opzichte van 2016 hebben zowel in de BOL als in de BBL voor 2018 minder opleidingen meegedaan aan de JOB-monitor.
  • Voor de BOL-opleidingen is het percentage opleidingen dat 3,5 of hoger scoort  op de BPV met bijna 10% gestegen t.o.v. 2016 (streefwaarde stijging van 12%)
  • Voor de BBL-opleidingen is het percentage opleidingen dat 3,5 of hoger scoort op de BPV met bijna 6% gedaald t.o.v. 2016 (streefwaarde stijging van 3%)
  • Er zijn geen opleidingen meer die lager scoren dan een 3 op de BPV-clusterscore. Ten opzichte van 2016 is dat een duidelijke verbetering. In dat jaar waren er nog 6 opleidingen met een score lager dan een 3 op de BPV-clusterscore.
  • Alle 3 onderwijsregio’s scoren voor de BPV-clusterscore gemiddeld een 3,5 of hoger (=gelijk aan streefwaarde)

Op basis van de Alfa-college BPV-enquête:

Vrijwel alle locaties (5, streefwaarde 6) van het Alfa-college scoren op de waardering van onderstaande vragen uit de enquête hoger dan een 7 gemiddeld:

  • beoordeling van de BPV-begeleider van de school;
  • de kwaliteit van de stageopdrachten;
  • de samenwerking met de school.

Samengevat

In de periode van twee jaar hebben we een sterke verbetering gezien bij de tevredenheid van onze BOL-studenten aangaande hun BPV voor wat betreft de BPV-clusterscore. Hoewel de tevredenheid bij onze BBL-studenten iets is gedaald zijn we over het algemeen daarover ook tevreden, immers bijna 90% scoort een tevredenheid van meer dan 3,5 op de BPV-clusterscore. Het blijft uiteraard zaak onderzoek te doen naar de oorzaak van de lichte verschuiving bij de BBL. Ook de waardering van ons werkveld stemt ons tevreden.

3.7 VAVO, Educatie en Inburgering

3.7.1 VAVO

In het schooljaar 2018 hebben we aan 655 leerlingen onderwijs geboden. Op de afdelingen vmbo, havo en vwo (de vavo) hadden we 481 leerlingen. Dit is een lichte stijging ten opzichte van het jaar daarvoor. De overige 174 leerlingen zijn verdeeld over het Voorbereidend jaar voor hoog opgeleide vluchtelingen, de pabo-klas en de schakelklas naar doorstroom in het mbo. We werken in dit schooljaar voor het tweede jaar met de methodiek van Stichting LeerKRACHT. Twee docententeams komen wekelijks bijeen om samen hun onderwijs te verbeteren. Daarbij wordt ook de stem van de leerling gehoord. Zo hebben we dit jaar voor elke afdeling een leerlingenarena georganiseerd, waarbij we leerlingen vroegen hoe ze aankijken tegen het onderwijs bij ons op school. Leerlingen werd gevraagd om tips en tops en daar gingen docenten vervolgens mee aan de slag. Het is de bedoeling dat alle docenten meedoen aan de Leerkrachtteams in het schooljaar 2019-2020.

Op het vmbo zitten veel leerlingen met soms heftige persoonlijke problemen. De resultaten van de examens in 2018 waren niet goed. 50% van de leerlingen is geslaagd. Het team heeft een verbeterplan opgesteld en voor 2019 als streefwaarde gesteld dat het slagingspercentage minimaal 70% moet zijn.

In het Voorbereidend Jaar voor hoogopgeleide vluchtelingen zitten 41 cursisten. Samen met de Hanzehogeschool verzorgt het vavo het programma ‘De Grotius Minor Light’. Gedurende tien weken volgen de cursisten tijdens een dagdeel in de week een programma dat de overstap naar het hbo moet vergemakkelijken. Er is een intensieve samenwerking met het UAF, de landelijke organisatie die vluchteling-studenten begeleidt. Het UAF steunt cursisten financieel. Sinds twee jaar is er een maatjesproject: studenten van Toegepaste Psychologie zijn gekoppeld aan onze cursisten van het vbj.

De schakelklas telt 52 leerlingen. Het gaat hierbij om leerlingen die zijn uitbesteed door scholen voor ISK en om inburgeraars die vaak afkomstig zijn van onze eigen afdeling Inburgering. De leerlingen combineren de inburgering (Nederlands en Maatschappijoriëntatie) met vavo-vakken op het eindexamenniveau van vmbo-tl. Veel aandacht wordt besteed aan de doorstroom naar het mbo. Leerlingen bezoeken open dagen en doen mee aan meeloopdagen. Met de mbo-opleidingen is overleg over een warme overdracht.

Met het Willem Lodewijk gymnasium hebben we een maatjesproject opgezet. WLG-leerlingen en schakelklasleerlingen ondernemen samen activiteiten: een kerstbrunch, het Sinterklaasfeest, een museumbezoek etc. De bedoeling is dat er wederzijds contacten ontstaan tussen Nederlandse leerlingen en leerlingen van allochtone afkomst. Contact met Nederlandse leerlingen is bovendien goed voor de taalverwerving.

Sinds het schooljaar 2018-2019 verzorgt het vavo het keuzedeel doorstroom pabo voor 81 studenten van het mbo. De studenten zijn afkomstig van het Alfa-college (Onderwijsassistenten en Sport en Bewegen), Noorderpoort (Groningen, Winschoten, Stadskanaal), het Menso Altingcollege en AOC-Terra. Het programma is ontwikkeld en wordt uitgevoerd door docenten van het vavo en het mbo. Ook de Hanzehogeschool (afdeling pabo) is bij het programma betrokken.   

3.7.2 Educatie en Inburgering

Formele educatie

Op het gebied van de formele educatie kreeg het Alfa-college als eerste ROC in Nederland in 2017 een diploma-erkenning voor educatie (Nederlandse taal, rekenen, op verschillende niveaus). In 2018 is formele educatie geïmplementeerd in de samenwerkingsgemeenten in de arbeidsmarktregio Groningen. Hierdoor kunnen autochtone en anderstalige cursisten getoetst worden op hun kennis van het Nederlands en rekenen en kunnen zij hun scholing afronden met een examen dat leidt naar een diploma. Het Alfa-college heeft de examinering ingericht volgens het bijbehorende inspectiekader. Het formele diploma is nog niet algemeen erkend, maar is wel een belangrijke stap op de weg naar een (betaalde) baan of het kunnen volgen van een beroepsopleiding. Daarnaast is het voor cursisten een erkenning van hun inspanningen om actief te participeren in onze maatschappij.

Non-formele educatie

In 2018 is nog geen duidelijkheid gekomen op welke wijze een eventuele overheveling van de WEB-middelen naar gemeentefondsen gaat plaatsvinden. De centrumgemeenten hebben om deze reden besloten het huidige beleid voort te zetten. Dit betekent dat we door een onderhandse inkoopprocedure de WEB-middelen voor 2018 toegekend hebben gekregen. Alle educatie-activiteiten in de gemeenten Groningen, Tynaarlo, Noordenveld, Westerkwartier, Hoogeveen en de Wolden kunnen we in 2018 voortzetten.

Op het gebied van non-formele educatie worden voor diverse gemeenten educatieve trajecten aangeboden. Hieronder worden een aantal van deze trajecten verder toegelicht.

Taalhuizen en taalambassadeurs

In alle gemeenten waar wij educatieve trajecten aanbieden, wordt gewerkt aan de aanpak van laaggeletterdheid door ‘Taal voor het leven’. Hiervoor participeren we in gemeentelijke stuurgroepen en provinciale bondgenootschappen. Een onderdeel van deze aanpak zijn de Taalhuizen. In onze samenwerkingsgemeenten is de taalhuiscoördinator altijd een docent van het Alfa-college. Meestal is hiervoor extra financiering vanuit de gemeenten beschikbaar gesteld. De Taalhuizen vallen onder non-formele educatie. Er kan laagdrempelig en vraaggericht geoefend worden met de verhoging van de basisvaardigheden lezen, schrijven, spreken, luisteren, rekenen en digitale vaardigheden tot en met niveau 2F. Het Taalhuis leidt niet toe naar een diploma. Het gaat er bij het Taalhuis om dat volwassen laaggeletterden juist kunnen oefenen met de onderdelen waarmee ze in het dagelijks leven moeite hebben. De taalhuiscoördinator doet de intakes en inventariseert de leerwensen van de cursist. Daarnaast stuurt de taalhuiscoördinator de taalvrijwilligers aan. Indien mogelijk wordt de cursist door de taalhuiscoördinator doorverwezen naar de formele educatie waar mogelijkerwijs een diploma kan worden behaald. Het Taalhuis is er voor iedereen, zowel voor volwassen NT2-leerders als volwassen NT1-leerders. Ook wordt er veel aandacht besteed aan de taalambassadeurs. Dit zijn cursisten die een training hebben gevolgd om voorlichting te kunnen geven en hun ervaringen te kunnen delen met diverse instanties. Daarnaast hebben ze een workshop gevolgd om brieven van instanties te beoordelen op leesbaarheid.

SUPERMAMA!

In 2018 is wederom het traject SUPERMAMA! gestart. SUPERMAMA! heeft als hoofddoel het vergroten van kansen op (economische) zelfredzaamheid van moeders met jonge kinderen. Het project wordt breed ingezet in de gemeente Westerkwartier. De resultaten uit dit traject waren boven verwachting: moeders leren over de (taal)ontwikkeling van hun kind en hoe zij hierbij kunnen ondersteunen. Zij werken aan empowerment. Zij verbeteren hun eigen basisvaardigheden en onderzoeken de mogelijkheden naar (vrijwilligers)werk of opleiding. Ook wordt aandacht besteed aan budgettering. Het traject is geschikt voor moeders met een taalniveau NT1 en NT2 vanaf A2 met kinderen tot 12 jaar. Opvang voor niet-schoolgaande kinderen is geregeld.

Inburgering

Bij de afdeling Educatie en Inburgering kunnen statushouders zich op verschillende manieren voorbereiden op het inburgeringsexamen. Op basis van een intakegesprek en een intaketoets wordt bekeken welk standaardprogramma het meest geschikt is en wordt bepaald op welk niveau (A2, B1) mogelijk wordt uitgestroomd. Naast deze standaardtrajecten bieden we ook aangepaste trajecten aan, afgestemd op de behoefte van de statushouder om betere aansluiting te vinden bij een opleiding of bij werk en voorbereidend op duurzame participatie. Tevens bereiden we statushouders zoveel mogelijk voor op doorstroom naar regulier mbo-onderwijs.

2018 stond in het teken van de voorbereiding op het nieuwe inburgeringstelsel en de verscherpte normen van het keurmerk Blik op Werk. Om te kunnen voldoen aan de verscherpte administratieve eisen hebben we diverse procesaanpassingen doorgevoerd. Daarnaast is er een kwaliteitscontrole in de klas geweest, waarbij de didactiek en de inhoud van de lessen positief werden beoordeeld. In 2018 hebben we voorbereidingen getroffen richting het nieuwe stelsel middels pilots in het convenant ‘Inburgeren? In Groningen doen we het samen!’

In 2018 is verregaande samenwerking tot stand gekomen met de gemeenten Groningen, (Westerkwartier, Tynaarlo, Noordenveld) en de gemeenten Hoogeveen-de Wolden, Midden-Drenthe en Hardenberg.

In Groningen is het convenant ‘Inburgeren? In Groningen doen we het samen’ afgesloten. De gemeente Groningen streeft ernaar om met meerdere organisaties uit de stad te komen tot een integrale aanpak voor haar statushouders en inburgeraars. Hiervoor is in maart 2017 een convenant ondertekend door samenwerkende partijen, nl. Gemeente Groningen, Hanzehogeschool, Noorderpoort en het Alfa-college.

Het convenant zet in op innovatieve en creatieve ontwikkelingen, waarbij het realiseren van een maatwerkaanpak voor statushouders ten behoeve van duurzame integratie en participatie centraal staat. Wij zetten in op een verrijking van het inburgeringstraject, waardoor er gelijktijdig met de inburgering parallelle trajecten worden ingezet waarbij wordt uitgegaan van de mogelijkheden en talenten van de statushouder.  Vanuit het convenant lopen er bij het Alfa-college op dit moment vier trajecten:

  • Ondernemersacademie: ondernemerstraject voor statushouders, parallel aan de inburgering. Tijdens het traject leren de statushouders een ondernemersplan schrijven en gaan ze oefenen met ondernemen. Daarnaast krijgen ze inhoudelijke workshops. Tevens hebben ze elke 6 weken een meeting met experts.
  • In september 2018 is er gestart met het traject 1+1= 3, een functioneel taaltraject in combinatie met arbeidsmatige dagbesteding bij Iederz voor studenten vanuit de ISK. Dit is een traject waarin de Gemeente Groningen, Iederz, de ISK en het Alfa-college samen optrekken om een groep jonge vluchtelingen, die nog te zwak waren voor regulier mbo-onderwijs, te begeleiden. Deze groep moet daarom een ‘kaal’ inburgeringstraject volgen richting ontheffing. Er wordt binnen een standaard ‘kaal’ inburgeringstraject echter te weinig aandacht besteedt aan de problemen die deze groep ondervindt (onder andere taalproblemen, structuur, ritme). Om te voorkomen dat deze groep ‘verdwijnt’ of in de problemen komt, is dit traject gestart. Inmiddels is het traject ongeveer halverwege.
  • In 2018 is er een pilotproject gestart voor de doelgroep analfabeten die opgaan voor de ontheffing van de inburgeringsplicht. Het traject werkt toe naar zelfredzaamheid en is afgestemd op het taalniveau en op de talenten van de cursisten en hoofdzakelijk gericht op duurzame participatie. Hierbij wordt gewerkt aan basiscompetenties, zoals zelfredzaamheid, werknemerschap en sleutelvaardigheden zoals taal en rekenen. Het traject is vooral gericht op toepasbaarheid in het dagelijks functioneren. Door werken (binnen een beschermde werkomgeving) en leren te combineren wordt de kans vergroot op succesvol doorstromen naar een vervolgtraject.
  • In september is een groep jonge statushouders gestart met een reguliere opleiding Installatietechniek op het niveau van mbo 2. Door het behalen van dit diploma heeft deze groep aan de inburgeringsplicht voldaan. Deze groep krijgt extra taallessen en bij alle technische vakken is ook een taaldocent aanwezig. Tevens ontvangt deze jonge groep extra begeleiding.

Al deze trajecten worden met belangstelling gevolgd door het ministerie van SZW in verband met het opstellen van het nieuwe stelsel. De ingangsdatum van het nieuwe stelsel is voorlopig uitgesteld tot januari 2021.

Er is een gezamenlijk coördinatiepunt ingericht waar vanuit een uitgebreide intake een haalbaar trajectplan kan worden opgesteld met realistische doelen. Hierbij wordt rekening gehouden met de capaciteiten en talenten van de statushouder, maar ook met de krapte op de arbeidsmarkt. Het coördinatiepunt is ook een  plek waar alle ingrediënten voor een maatwerktraject bekend zijn. Alle projecten, scholingen en andere initiatieven die ten behoeve van het maatwerktraject van een statushouder kunnen worden ingezet, zijn geregistreerd. Een medewerker van het Alfa-college is hierin 4 uur per week werkzaam.

Uit onderzoek in de regio Hardenberg is gebleken dat de gezondheid van statushouders aandacht behoeft. In samenspraak met de gemeente en de GGD bezoekt de GGD groepen om voorlichting te geven over o.a. opgroeien in verschillende culturen, opvoedvragen en seksuele voorlichting. Ook in Hardenberg is een traject Oriëntatie Nederlandse Arbeidsmarkt (ONA) gestart waarbij het doel is om statushouders zorgvuldig en succesvol naar arbeid te begeleiden. Onderdeel van het programma is dat de gemeente voorlichting geeft op school, eventueel werkbezoeken inplant en samen met de cursist onderzoekt wat zijn/haar mogelijkheden en wensen zijn op het gebied van het vinden van werk.

3.8 Kwaliteitsverbetering onderwijs en examinering

3.8.1 Kwaliteitsborging

Het Alfa-college heeft een samenhangend instrumentarium ontwikkeld in het kader van de kwaliteitsborging.
De verschillende onderdelen hiervan zijn:

  • De reguliere P&C-cyclus, waarin per regio/locatie verantwoording aan het College van Bestuur wordt afgelegd over onder andere de kwaliteitsverbetering van het onderwijs, specifiek voor opleidingen waar risico's op het gebied van onderwijskwaliteit gedetecteerd zijn.
  • Interne audits, waarover in paragraaf 3.8.3 wordt gerapporteerd.
  • Monitoring van risico-opleidingen. Opleidingen waarvan de onderwijsresultaten onder de norm van de inspectie uitkomen kunnen op basis van een analyse van de opleidingsmanager aangemerkt worden als risico-opleiding. Voor deze opleidingen wordt een verbeterplan opgesteld. Gedurende het verbetertraject wordt het verbetertraject door de centrale eenheid Planning en Control gemonitord.
  • Instrumentarium voor evaluatie en planvorming voor examencommissies. De examencommissies evalueren jaarlijks hun werkzaam systematisch met behulp van het evaluatie-instrument dat speciaal hiervoor ontwikkeld is en maken op basis hiervan een examencommissiejaarplan. De formats voor de zelfevaluatie en het jaarplan sluiten aan bij het toezichtskader van de Inspectie van het Onderwijs.
  • Instrumentarium voor evaluatie en planvorming voor onderwijsteams. De onderwijsteams evalueren jaarlijks hun eigen werk systematisch met behulp van het evaluatie-instrument dat speciaal hiervoor ontwikkeld is en maken op basis hiervan een teamontwikkelplan. De formats voor de zelfevaluatie en het teamontwikkelplan sluiten aan bij het toezichtskader van de Inspectie van het Onderwijs en de koersuitspraken van het Alfa-college. Ook bieden ze ruimte voor eigen ambities van de onderwijsteams. Het teamontwikkelplan is dynamisch van aard. Dat betekent dat de voortgang periodiek wordt besproken in het teamoverleg. Op basis van de voortgang kan het aangepast worden, zodat het een levend document blijft.

3.8.2 Onderzoek door de Inspectie van het Onderwijs

In 2018 heeft de Inspectie van het Onderwijs (inspectie) het Alfa-college bezocht in het kader van het Vierjarig Onderzoek (4jo). Na een het startgesprek, dat al in het najaar van 2017 heeft plaatsgevonden, zijn in januari en februari van 2018 8 opleidingen onderzocht. Het ging hierbij om onderzoeken in het kader van verificatie, stelselonderzoek, risico-opleidingen en beoordeling 'goed'. Het eindrapport is in mei 2018 door de inspectie vastgesteld.

In de samenvatting schrijft de inspectie het volgende:

Minstens één keer in de vier jaar onderzoekt de onderwijsinspectie ieder bestuur in Nederland. Het vierjaarlijks onderzoek is dit jaar  uitgevoerd bij het bestuur van het Alfa-college. We hebben onderzocht of het bestuur op zijn opleidingen zorgt voor onderwijs van voldoende kwaliteit en of het financieel in staat is om ook in de toekomst goed onderwijs te blijven verzorgen.

Wat gaat goed?

Het bestuur van het Alfa-college neemt zijn verantwoordelijkheid voor onderwijs van voldoende kwaliteit in de regio serieus. Daardoor kan de arbeidsmarkt erop rekenen dat de instelling studenten goed voorbereidt met een actueel programma. Hiervoor werken teams, adviseurs en management samen zodat studenten lessen van voldoende kwaliteit krijgen.
Het Alfa-college zorgt voor verbeteringen in het onderwijs als ze ziet dat dat nodig is of mogelijk is. We hebben ook een opleiding de waardering ‘goed’ gegeven.
Ook is het bestuur financieel gezond. Het bestuur weet hoeveel geld het nu en in de toekomst nodig heeft voor het geven van goed onderwijs. Het Alfa-college maakt bewuste keuzes in de besteding. De
  belangen van de studenten staan daarbij voorop. Het Alfa-college vraagt studenten en medewerkers vaak om suggesties hoe de kwaliteit beter kan. Deze suggesties worden vaak toegepast.

Wat moet beter?

Eén opleiding heeft een zeer zwakke onderwijskwaliteit en examenkwaliteit. Het team is niet zelfstandig in staat om maatregelen te nemen die aansluiten op de tekortkomingen.

Wat kan beter?

Het bestuur kan de kwaliteit van de zelfevaluaties van teams versterken. Audits kunnen daarbij bijvoorbeeld een grotere rol spelen. Dit kan ook de kwaliteit van de teamplannen versterken.

Vervolg

Bij een aantal opleidingen hebben we tekortkomingen gezien en komen we terug om te bepalen of de kwaliteit is verbeterd. Tevens moet het bestuur een verbeterplan maken voor één opleiding omdat daar de kwaliteit ver onder de maat is.

Overzicht onderzochte opleidingen en type onderzoek

Overzicht onderzochte opleidingen en type onderzoek
Opleiding en locatie verificatie Stelsel-onderzoek Risico-opleiding Beoordeling goed
Sport en bewegingsleider, 25415 en 95280, bol, niveau 3, locatie Assen X      
Allround timmerman, 25118 en 94932, bbl, niveau 3, locatie Hardenberg X      
Timmerman, 25128 en 94920, bbl, niveau 2, locatie Groningen X      
Gamedeveloper, 25188 en 95312, bol, niveau 4, locatie Groningen X      
Adm. Medewerker/Medewerker secretariaat en receptie, 90473 en 25150, bol, niveau 2, locatie Groningen X X    
Assistent dienstverlening en zorg, 25251, bol, niveau 1, locatie Hoogeveen X X    
Sociaal-cultureel werker, 91370 en 25488, bol, niveau 4, locatie Groningen   X X  
Technicus service en onderhoud werktuigkundige installaties/Servicetechnicus installatietechniek, 25311 en 94333, bbl, niveau 4, locatie Groningen       X

De opleiding Technicus service en onderhoud werktuigkundige installaties heeft de beoordeling 'goed' gekregen. De opleidingen Gamedeveloper niveau 4 en Timmerman niveau 2 hebben een voldoende beoordeling gekregen met op een enkele standaard 'goed'.

De opleidingen Allround timmerman en Assistent dienstverlening en zorg hebben een onvoldoende beoordeling ontvangen op het gebied Kwaliteit en ambitie. De opleiding Administratief medewerker niveau 2 heeft een onvoldoende beoordeling ontvangen op het gebied Examinering. Deze drie opleidingen staan onder vervolgtoezicht, in juni 2019 is het herstelonderzoek. Direct nadat de uitkomsten van het onderzoek bekend werden, hebben de onderwijsteams van deze opleidingen  een verbeterplan opgesteld op basis van de bevindingen van de inspectie en zijn daarmee aan de slag gegaan.

De opleiding Sociaal cultureel werk heeft de beoordeling zeer zwak gekregen met een onvoldoende beoordeling op onderwijsproces, examinering en diplomering, onderwijsresultaten en kwaliteitszorg en ambitie. Naar aanleiding van deze beoordeling heeft het bestuur van het Alfa-college samen met het management van de opleiding Sociaal cultureel werker het voortbestaan van deze opleiding heroverwogen. Deze heroverweging heeft er toe geleid dat het bestuur heeft besloten de opleiding per 1 augustus 2018 te stoppen. Daarbij zijn naast de beoordeling 'zeer zwak' door de inspectie de volgende argumenten meegewogen: al enkele jaren een risico-opleiding, zeer onduidelijk beroepsbeeld en arbeidsmarktperspectief. Met de studenten zijn goede afspraken gemaakt over het vervolg van hun studie bij een andere opleiding binnen het Alfa-college of dezelfde studie bij een ander ROC in de regio.

3.8.3 Interne audits

In het kader van de borging van de kwaliteit van de interne audits werkt het Alfa-college samen met vijf andere ROC’s in het samenwerkingsverband ‘De Kloostergroep’. In dit verband wisselen de instellingen ervaringen en ontwikkelingen op het gebied van audits met elkaar uit en wordt  jaarlijks een scholingsdag voor de auditoren van de vijf instellingen verzorgd. In oktober 2018 is aandacht besteed aan waarderend auditen en is het ‘Dialoogmodel’ van het Kwaliteitsnetwerk mbo besproken. Daarnaast wordt vanuit dit samenwerkingsverband bij alle interne audits van de instellingen een auditor van een van de andere instelling ingezet.

In schooljaar 2017-2018 zijn 20 audits bij diverse opleidingen op de verschillende locaties uitgevoerd, waarvan 7 keer het volledige toezichtskader is onderzocht en 13 keer alleen de gebieden Onderwijsproces, Schoolklimaat en Kwaliteitszorg en ambitie. In onderstaande tabel worden de voldoende oordelen in percentages op de diverse gebieden weergegeven.

Scoregebieden bij interne audits

Scoregebieden bij interne audits
Gebied % voldoende/goed
OP. Onderwijsproces 100%
ED. Examinering en diplomering 75%
SK. Schoolklimaat 100%
OR. Onderwijsresultaten 95%
KA. Kwaliteitszorg en ambitie 75%

Uit de rapportages van de interne audits volgen enkele algemene conclusies:

In alle audits wordt opgemerkt dat men met bevlogen docenten en tevreden deelnemers heeft gesproken. Op het gebied van de rendementen voldoen alle onderzochte opleidingen aan de rendementseisen. Op het gebied ‘Onderwijsproces’ worden alle onderzochte opleidingen met een voldoende beoordeeld, een zelfs met een 'goed'. Ook op onderliggende standaarden zijn voldoendes behaald en is in 8 gevallen de beoordeling ‘goed’ gegeven. Op het gebied van ‘Kwaliteitszorg en ambitie’ wordt nog een kwart van de opleidingen met een onvoldoende beoordeeld, evenals vorig jaar is ook nu op standaard KA1 Kwaliteitszorg de meeste ruimte voor verbetering. Dit sluit aan bij de bevinding van de inspectie dat de kwaliteit van de zelfevaluatie en daaraan gekoppeld het teamontwikkelplan verbeterd kan worden.

3.8.4 Examinering

In 2017 zijn de activiteiten van het programma TOP (Totaal Optimalisering Proces) Examinering gestart en in 2018 verder vormgegeven. Het doel is verbeteringen in het ketenproces Examinering door te voeren, waarbij digitalisering (van de examendossiers) centraal staat. Het werken volgens een planning (van vergaderingen van examencommissies tot en met de uitvoering van processtappen uit het handboek) is hierbij een belangrijk hulpmiddel.
Bij het werken aan deze doelstelling houden we ermee rekening dat:

  • de veranderingen moeten leiden tot lichter en een beter administratief proces (o.a. door middel van digitalisering);
  • we kennis omtrent het werken met het examineringsproces verbreden;
  • we de examenbeleidscyclus optimaliseren en borgen.

De activiteiten, die worden uitgevoerd om het doel te halen, kennen drie aandachtsgebieden: ketendenken en -werken, werken met planningen en werken aan gedrag dat past bij planmatig en ketengericht werken.

In de eerste helft van 2018 hebben we de sluisfunctie van dossiercontrole, door middel van de inzet van een examendossiercontroleur (EDC’er), verder vormgegeven als een vaste processtap om de goede kwaliteit van examendossiers te borgen. Met de inzet van de EDC’er en het goed verlopen examineringsproces kunnen we stellen dat dit het gewenste resultaat heeft opgeleverd, namelijk examendossiers van voldoende kwaliteit.

De hiervoor genoemde aandachtsgebieden (ketenwerken, plannen en het bijbehorende gedrag) zijn in deze kwaliteitsverbetering allemaal ten volle aan de orde geweest. De betrokkenen uit zowel het  onderwijs als de ondersteuning hebben nauw in een keten samengewerkt volgens een vaste planning. Dit vergde nieuw gedrag van deze betrokkenen bij het werken in het veranderde proces. Waar in het verleden veel meer adhoc werd gewerkt, heeft de organisatie nu ervaren dat planmatig werken rust geeft met betere resultaten in de uitvoering van het proces.

In de tweede helft van 2018 zijn we doorgegaan met de uitrol van planmatig werken door per locatie een vaste planning voor vergaderingen van examencommissies door te voeren en daarbij vaste termijnen te hanteren voor het inleveren van resultaten ten behoeve van de diplomering. Hierdoor ontstaat een vaste ritmiek van inlevering van resultaten, het vaststellen ervan, de besluitvorming tot diplomering en vervolgens het aanvragen van diploma’s. In het schooljaar 2018-2019 werken we Alfa-college breed volgens deze ritmiek.

In 2018 is ‘training on the job’ gegeven tijdens het doorvoeren van de veranderingen zoals hierboven geschreven. De voorbereiding van een collectieve verplichte scholing over de processen rond examinering en diplomering is in 2018 opgestart. De scholing zal vanaf 2019 worden uitgevoerd. Het is de bedoeling dat de scholing in het voorjaar als pilot wordt uitgevoerd op een paar locaties en na de zomer van 2019 collectief gegeven wordt in de hele organisatie. De inhoud van de scholing maken we met eigen personeel aan de hand van het staande beleid en is gebaseerd op casuïstiek uit de eigen organisatie. De scholing wordt ook gegeven door eigen personeel.

In 2018 is de digitalisering verder vormgegeven door de examendossiers op alle locaties digitaal op te slaan. In het najaar van 2018 zijn we daarmee begonnen. Vanaf 1 januari 2019 zijn alle examendossiers digitaal.

Naast deze instellingsbrede aanpak tot verbetering van de examenorganisatie is op onze locatie aan de Boumaboulevard extra energie gestoken in het verbetertraject voor examinering bij de handelsopleidingen. het verbetertraject bij de handelsopleidingen heeft veel invloed gehad voor de uitvoering van het examenproces voor de hele locatie.  Dit alles naar aanleiding van een onvoldoende beoordeling op de examinering in het najaar van 2017. Deze aanpak heeft inmiddels in het voorjaar van 2019 tot een voldoende beoordeling van de inspectie geleid op basis van het herstelonderzoek. Gedurende dit verbetertraject is nauw samengewerkt met het programma TOP-examinering en heeft er toe geleid dat de verbeterde processen van deze locatie nu als voorbeeld gelden voor andere locaties en zijn overgenomen door het programma TOP-examinering.

Commissie van beroep voor de examens

Een deelnemer kan tegen maatregelen en beslissingen met betrekking tot het examen of toelating tot een examenonderdeel schriftelijk bezwaar aantekenen bij de (sub)examencommissie. Als de (sub)examencommissie een voor de deelnemer onbevredigende beslissing neemt over het bezwaarschrift, dan kan de deelnemer beroep aantekenen bij de Commissie van Beroep voor de examens. Dit is een onafhankelijke commissie die werkt met een eigen reglement.

In 2018 zijn twee klachten ingediend. Beide klachten zijn niet in behandeling genomen omdat ze niet thuishoorden bij de commissie.

3.9 Afwijking onderwijstijd

Studenten in de BOL dienen gemiddeld minimaal per studiejaar 1.000 klokuren te krijgen (bestaande uit begeleide onderwijstijd, beroepspraktijkvorming en vrij in te vullen uren) en studenten in de BBL minimaal 850 klokuren. De wetgever biedt de mogelijkheid van deze urennorm af te wijken.

Daarvoor moet worden voldaan aan een aantal wettelijke eisen:

  • het kwalificatiedossier is de basis voor de onderwijsprogrammering;
  • de onderwijsactiviteiten zijn vastgelegd voor de gehele opleiding;
  • de onderwijsprogrammering is vastgelegd in de OER;
  • de onderwijstijd is uitsluitend gevuld met begeleide onderwijstijd en beroepspraktijkvorming;
  • in de OER is de wijze van examinering beschreven.

Het Alfa-college heeft daaraan nog een eis toegevoegd: de resultaten (op de JOB- en BPV-monitor en het diploma- en jaarresultaat) moeten positief én stabiel zijn over de afgelopen twee jaar.

Een directeur van een opleiding die van mening is dat een opleiding in minder uren gegeven kan worden, dient een aanvraag daartoe in bij het College van Bestuur. Het college toetst of die opleiding voldoet aan de bovengenoemde eisen en stelt, bij een positief oordeel, de afwijking van de onderwijstijd voor de desbetreffende opleiding vast als voorgenomen besluit dat ter instemming wordt voorgelegd aan de Studentenraad. Na instemming van de Studentenraad kan in de desbetreffende opleiding worden afgeweken van de onderwijstijd.

Voor vier opleidingen is door directeuren een verzoek ingediend om af te wijken van de wettelijke bepalingen m.b.t. de urennorm met ingang van het schooljaar 2018-2019:

  • Coördinator sportinstructie training en coaching (crebocode 25414), Johan Cruijff College, locatie Kardingerweg Groningen
  • Logistiek medewerker (crebo 25371), locatie Parkweg Hardenberg
  • Logistiek teamleider (crebo 25372), locatie Parkweg Hardenberg
  • MBO-Verpleegkundige (crebo 25480), locatie Kluiverboom Groningen

De Studentenraad heeft aan deze afwijkingsverzoeken zijn instemming gegeven en deze opleidingen zijn per 1 augustus 2018 gestart met een afwijkend urenaantal.

3.10 Burgerschap

Het Alfa-college stelt burgerschap centraal in het onderwijs om studenten te laten groeien als vakman en als persoon. In alle regio’s besteden studenten meerdere dagen per jaar aan burgerschap, aan de hand van zogeheten dimensies, waarbinnen allerlei workshops en lessen aangeboden worden. De dimensies zijn ‘Politiek’, ‘Economisch’, ‘Sociaal-maatschappelijk’ en ‘Vitaal’. Tijdens de burgerschapsdagen en de burgerschapslessen besteedt het Alfa-college ook aandacht aan zijn christelijke identiteit en aan de waarden vertrouwen, verbinden en ondernemen.

Groningen

2018 was voor burgerschap op verschillende gebieden een enerverend jaar. Een jaar waarin samenwerking en ontwikkeling centraal stonden. Door de intensieve relatie met organisaties en gastdocenten ontstaan regelmatig nieuwe workshops. Zo zijn het afgelopen jaar workshops over o.a. social media, schulden, fake news en kunst aan het aanbod toegevoegd. Ook zijn studenten voor het eerst op bezoek geweest bij het Yarden crematorium. In de week van de democratie hebben de gemeenten Groningen, Haren en Ten Boer in het kader van de gemeenteraadsverkiezing met 14 verschillende raadsleden workshops verzorgd en op de locatie Kluiverboom een informatiebijeenkomst gehouden.

In panelgesprekken geven studenten aan dat de kracht van de carrousel met name te maken heeft met de keuzemogelijkheden, ontmoetingen, bewustwording en ervaringsverhalen. De studentengroep is tevreden over de inschrijfapplicatie en de eenvoud van inschrijven.

De expertgroep burgerschap heeft afgesproken dat de applicatie www.inschrijvenburgerschap.nl op alle locaties van het Alfa-college gebruikt gaat worden. De applicatie is volledig ingericht op de exameneisen. In Groningen maken inmiddels 6.000 studenten gebruik van de applicatie. Tijdens de CVI-conferentie in Leeuwarden, bij het ROC Nijmegen en de landelijke studiedag Netwerk burgerschap MBO hebben wij de applicatie gepresenteerd. Meerdere ROC’s hebben positief gereageerd op de gebruiksvriendelijkheid en de diversiteit aan mogelijkheden. 

De samenwerking met externen leidt steeds vaker tot uitnodigingen om mee te doen en mee te denken aan nieuwe ontwikkelingen. Zo hebben wij een bijdrage geleverd in het tot stand komen van de brochure voor docenten over 'Complotdenken in de klas' uitgegeven door de Anne Frank Stichting en School & Veiligheid. Ook zijn wij gevraagd door Herinneringscentrum kamp Westerbork om onze medewerking te verlenen aan een burgerschapsproject voor het mbo, samen met vier andere musea (kamp Amersfoort, kamp Vught, Indisch Herinneringscentrum en het Holocaust Museum in Amsterdam). Een student van het Alfa-college zal te zien zijn in een documentaire waarin een overlevende van de Tweede Wereldoorlog in gesprek gaat met een mbo-student.

Een nieuwe samenwerking die we in 2018 zijn aangegaan is met de NHL Stenden, de Rijksuniversiteit Groningen, Noorderpoort en het Friesland College. Het doel was onderzoek te doen naar het burgerschapsonderwijs zoals dat de afgelopen jaren vorm heeft gekregen, de pedagogische en beleidsvisies die daaraan ten grondslag liggen en nieuwe initiatieven op het gebied van burgerschap. Dit heeft geresulteerd in een subsidieaanvraag (NRO-call) die we helaas niet toegekend hebben gekregen. 

Tijdens onze ontmoetingen hebben wij geconstateerd dat een uitwisseling van de onderwijspraktijken verrijkend is en dat er veel van elkaar geleerd kan worden. Zo leveren wij bijvoorbeeld input aan de nieuwe minor 'Bildung en burgerschap' van NHL Stenden.

In september zijn wij in het kader van het innovatieproject 'Burgerschap over de grens' in Madrid geweest om een burgerschaps-excellentieprogramma op te stellen. Inmiddels hebben studenten van de opleiding Onderwijsassistent en Pedagogisch medewerker hier als pilot al gebruik van gemaakt. 

Het komende jaar zal onze aandacht uitgaan naar de consequenties van het vrijstellingenbeleid rondom burgerschap voor de organisatie van de burgerschapscarrousel.

Hardenberg 

Net als in voorgaande jaren heeft het Alfa-college in Hardenberg in 2018 de samenwerking gezocht met de gemeente voor de invulling van de politieke dimensie van burgerschap. Alle eerstejaars klassen van het Alfa-college doen mee aan dit jaarlijkse project. Dat betekende in 2018 dat zo’n 600 studenten het gemeentehuis hebben bezocht en met elkaar in debat zijn gegaan over door hen zelf bedachte voorstellen. Gemeenteraadsleden dachten kritisch mee.
Van alle voorstellen blijven er uiteindelijk zes over, waarvan de griffie en de aanwezige raadsleden bepalen welke het beste is en of dat voorstel gerealiseerd kan worden. Dit keer was dit het voorstel om een voetgangersoversteekplaats aan te leggen bij het station. Ondanks dat er plannen liggen om het stationsplein binnen nu en drie jaar aan te passen, gaat de raad kijken naar de mogelijkheid om de verkeersveiligheid hier zo snel mogelijk aan te passen.

De sociaal-maatschappelijke dimensie stond in het teken van het onderwerp rouw. Deze burgerschapsdag heeft voor eerstejaars inhoud gekregen in de vorm van een voorstelling van theatergezelschap Traxx, dat veel ervaring heeft met mbo'ers als doelgroep. Rondom de voorstelling volgden studenten diverse lessen, waarbij ook de schoolpastor kon bijspringen indien gewenst.

Ook voor de dimensie Vitaal burgerschap heeft het Alfa-college de samenwerking gezocht met externe partners, in dit geval lifestyleplatform Vitaal Vechtdal en Gewoon Gezond van de gemeente Hardenberg. Het thema van de dag was positieve gezondheid. Een van de onderdelen van de dag was een lezing van Mirjam Spitholt, docent gelukskunde aan Saxion. Bij haar lezing waren per keer ongeveer 175 studenten aanwezig, die merkbaar geïnteresseerd raakten in haar verhaal.

Ook voor de tweedejaarsstudenten heeft het Alfa-college weer een burgerschapsdag gehouden in samenwerking met de gemeenten Hardenberg en Coevorden. De dag was gevuld met allerlei workshops door bedrijven of instanties die iets met geld te maken hebben. Hierbij valt te denken aan notarissen, schuldhulpverlening, ervaringsdeskundigen en woningstichtingen. Studenten hebben een voorstelling van theatergezelschap Playback bezocht. Deze voorstelling ging over hoe jongeren verschillend omgaan met geld.

De tweedejaarsstudenten hebben in april en november aandacht besteed aan levensbeschouwelijke vorming. In april brachten zij een bezoek aan kamp Westerbork. De studenten hebben hier een rondleiding van een gids gehad en het bijbehorende museum bezocht. In de opdracht die de studenten na afloop van de dag hebben gemaakt, hebben zij teruggeblikt op de dag en hebben zij zich verder verdiept in de Tweede Wereldoorlog.

In november hebben de tweedejaars zich beziggehouden met hun eigen identiteit. De studenten hebben een vlog over zichzelf gemaakt. In het tweede deel van de dag hebben zij kennisgemaakt met verschillende godsdiensten om vervolgens te kijken naar wat hun eigen levensvisie is.

Hoogeveen

Mede naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen heeft de politieke dimensie van burgerschap in Hoogeveen o.a. inhoud gekregen in de vorm van een verkiezingsdebat op de locatie Voltastraat. Alle politieke partijen uit de gemeente waren vertegenwoordigd en de burgemeester trad op als debatleider. Met dit debat wilden de organisatoren studenten informeren en aanmoedigen om te gaan stemmen. Dit om de betrokkenheid van jongeren bij (gemeente)politiek te stimuleren. 

Het debat was een van de activiteiten die is voortgekomen uit nauwere contacten van het Alfa-college met de gemeente Hoogeveen, specifiek op het gebied van burgerschap en betrokkenheid van de gemeente bij jongeren. Sowieso zoekt het Alfa-college in Hoogeveen ook veel en vaak de samenwerking met (nieuwe) externe partners. Een voorbeeld is Jong Hoogeveen. Dit is een platform van de gemeente dat allerlei activiteiten ontplooit voor jeugd en jongeren. Voor burgerschap op het Alfa-college is Jong Hoogeveen bijvoorbeeld betrokken bij een thema als schuldproblematiek. 
Een ander voorbeeld is de Regenboogweek in oktober, waarbij het Alfa-college samen met de gemeente, bibliotheek en het voortgezet onderwijs een breed programma heeft gemaakt voor heel Hoogeveen. 

Ook in de regio Hoogeveen is in 2018 de applicatie www.inschrijvenburgerschap.nl in gebruik genomen. Het was een behoorlijke klus om de applicatie hiervoor in te richten, maar het was de moeite waard. De applicatie functioneert naar tevredenheid. 

Vanaf de start van schooljaar 2017-2018 zijn de docenten burgerschap gekoppeld aan de verschillende opleidingsteams. Daarnaast kreeg de vakgroep Burgerschap in 2018 te maken met personele wisselingen en ziekte. De effecten daarvan waren in 2018 merkbaar. De docenten ervaren dat de onderlinge verbinding minder vanzelfsprekend is. Dit vraagt om andere vormen van samenwerking. 

In april was de jaarlijkse activiteitenweek voor studenten in Hoogeveen, waarin burgerschapscomponenten zijn opgenomen. Het programma omvatte activiteiten in binnen- en buitenland, waaruit studenten een keuze kunnen maken. In december zijn twee burgerschapsdagen gehouden voor eerste- en tweedejaarsstudenten, waaraan in totaal meer dan 1.200 studenten hebben meegedaan. Hier stonden onder andere excursies naar een rechtbank en kamp Westerbork op het programma. In school waren workshops over politieke thema's. De sociaal-maatschappelijke dimensie was gekoppeld aan het jaarthema #Veerkracht, en kreeg inhoud in workshops op school en een theatervoorstelling voor alle eerstejaarsstudenten.

3.11 Christelijke identiteit

Jaarthema

Voor het schooljaar 2018-2019 is #Veerkracht geformuleerd als jaarthema. Studenten en medewerkers worden uitgedaagd om na te denken over veerkracht en tegenslag. Om met het jaarthema aan de slag te gaan, hebben alle medewerkers een mooi vormgegeven boekje gekregen met teksten, kunstwerken, activiteiten en filmtips. De vormgeving en prachtige illustraties werden ook dit jaar weer verzorgd door collega’s en studenten van het Open Atelier.

Samenstelling Idé-team

De samenstelling van het Idé-team van schoolpastores en identiteitsmedewerkers is in 2018 gewijzigd. In september hebben we afscheid genomen van Joke Holtrust, pastor van het eerste uur en de nestor van het Idé-team. Zij kreeg een passend afscheid in de vorm van een minisymposium met als titel ‘Een zee van verhalen’. Hoogleraar praktische theologie Ruard Ganzevoort hield een inleiding, waarna de deelnemers met elkaar in gesprek gingen over verschillende thema’s.

Na het vertrek van Joke Holtrust bestaat het Idé-team uit vier schoolpastores, waarvan twee nieuw zijn aangetreden in 2018, en een identiteitsmedewerker. Deze nieuwe samenstelling zorgt voor nieuwe dynamiek in het team en een andere afspiegeling van het thema identiteit binnen het Alfa-college. Helaas kregen enkele teamleden te maken met gezondheidsproblemen, waardoor een deel van de voorgenomen activiteiten niet geheel gerealiseerd kon worden.

Practoraat Federatie Christelijk Mbo

Het Alfa-college en de zeven andere mbo-instellingen die zijn aangesloten bij de Federatie Christelijk MBO hebben in 2018 Birgit Pfeifer aangesteld als practor 'Verschillen waarderen'. Zij is vanaf april aan de slag gegaan rond de vraag hoe medewerkers van de mbo’s elkaar en studenten kunnen leren en toerusten om verschillen tussen mensen en hun waarden te waarderen en met elkaar in dialoog te gaan. 

Het practoraat heeft drie pijlers: onderzoek, ontmoeting en inspiratie. In 2018 is het practoraat een onderzoek gestart naar succesfactoren rondom 'Verschillen waarderen'. Daarnaast heeft de practor de verbinding gelegd met de scholen, de mbo-raad en andere practoraten in het land. De practor verzorgde in 2018 ook diverse workshops en lezingen. Zo was de practor een van de sprekers tijdens de jaarlijkse inspiratiedag van de Federatie Christelijk MBO in oktober 2018. Haar gespreksronde ging over positief in gesprek gaan over diversiteit. Christien de Graaff, lid College van Bestuur van het Alfa-college, heeft dit evenement mede invulling gegeven met een gespreksronde over de vormgeving van identiteit op school.

Vieringen en bijzonderheden op locaties

De diverse vieringen hebben in de loop van het jaar op alle locaties een eigen vorm en inhoud gekregen. Hieronder noemen we een paar voorbeelden.

Op de locatie Boumaboulevard was een gezamenlijk paasontbijt voor medewerkers met muziek, inspiratie en gesprek rond het thema ‘Een nieuw begin’. Ook op de locatie Admiraal de Ruyterlaan werd het paasfeest met een gezamenlijk ontbijt voor studenten en medewerkers gevierd.  

Voor het eerst is rond Pinksteren een inspiratieontbijt gehouden voor studenten in Hoogeveen. Studenten en medewerkers verzamelden zich op de gangen voor een fijn ontbijt. Speciaal voor deze gelegenheid zijn placemats gemaakt waarop studenten het Pinksterverhaal konden lezen. Twee verhalenvertellers gingen door de gangen en zorgden voor een inspirerend verhaal.

Op de locatie Boumaboulevard is het Suikerfeest gevierd. Onderdeel hiervan was een excursie naar de moskee in Groningen voor docenten en medewerkers. Deze excursie gaf de gelegenheid om ‘in ontmoeting’ te komen met culturele diversiteit. Op school werd het Suikerfeest gevierd met allerlei zoetigheden en informatieve aandacht. Ook op locatie Admiraal werd op deze wijze vorm en inhoud aan het feest gegeven. Aansluitend bij een van de speerpunten van de identiteitscommissie – de organisatie van de vieringen meer door teams te laten verzorgen – hebben een aantal collega’s van de afdeling Educatie daar het Suikerfeest verzorgd.

In oktober vierden we op meerdere locaties tijdens ‘Diversity Day’ dat iedereen anders is. Diverse maatschappelijke organisaties uit Groningen waren uitgenodigd op de locatie Boumaboulevard en aanwezig met stands. Studenten konden daar gedurende de dag met hen in gesprek komen. Ook werden er workshops en een film aangeboden. Speciaal voor alle medewerkers en docenten was er aan het eind van de dag een cabaretvoorstelling rondom dit thema, verzorgd door Soula Notos. Op locatie Admiraal de Ruyterlaan werd deze dag voor het eerst door de gelegenheidswerkgroep Diversiteit georganiseerd. Naast de gebruikelijke markt met informatiestandjes in de centrale hal verzorgde zij voor een diverse mix van studenten van het schakeljaar en techniek vier workshoprondes, waarbij zij elkaar o.a. tijdens het sporten, koken en het maken van vogelhuisjes beter hebben leren kennen. 

Voor de eerste keer hebben we in Hardenberg gedurende de week voor kerst een hoekje gecreëerd waar studenten een lampje konden aandoen voor mensen die zij missen. Dit voorzag duidelijk in een behoefte.

De kerstviering in Hardenberg bestond verder uit een gezamenlijke start met een verhalenverteller, gevolgd door allerlei activiteiten binnen de eigen afdelingen, waarna een gezamenlijke afsluiting volgde.

In de aanloop naar kerst zijn er op de locatie Boumaboulevard in samenwerking met een groep studenten een aantal activiteiten uitgezet waaronder: een ‘foute kersttruien dag’, de ‘kerstwensen boom’ en een ‘maak je eigen kerstfoto’. Daarnaast was er een lesbrief ontwikkeld rondom advent. Docenten konden deze lesbrief inzetten tijdens de mentorles. In de week van kerst vonden er diverse kerstvieringen in de klassen plaats met input vanuit het Schoolpastoraat. Een bijzondere vermelding is dat door de klassen van opleiding Interieur een bedrag van ruim 1.300 euro is opgehaald voor Sheltersuit. We sloten de periode af met een kerstviering voor het personeel op donderdagmiddag.

Op de Admiraal de Ruyterlaan genoten medewerkers en studenten van een heerlijke kerstlunch in de centrale hal en het schoolrestaurant, waarna de teams vrij waren om met de eigen klassen op eigen wijze aandacht aan het kerstfeest te besteden. Het goede doel kozen we dit jaar dicht bij huis; medewerkers en studenten zamelden volgens een boodschappenlijstje producten in voor de Groningse Voedselbank.

In Hoogeveen is de kerstversiering in de school dit jaar voor het eerst verzorgd door studenten van het projectbureau AlfaDOET! 

Rust, ruimte en reflectie

In 2018 hebben ruim tachtig medewerkers gebruik gemaakt van de mogelijkheid om twee dagen op retraite te gaan in het stiltecentrum van de Benedictijnse broeders in de St.-Willibrordsabdij bij Doetinchem. Het blijft een waardevol aanbod om medewerkers de ruimte te geven om even uit de dagelijkse hectiek te stappen en even niets te moeten. Tevens is er een groep studenten van de opleiding Dienstverlening op excursie geweest naar het stiltecentrum. Zij hebben ook een rondleiding gehad in de abdij. Ook kunnen zowel studenten als medewerkers terecht bij de pastores op de diverse locaties en maken van deze mogelijkheid steeds meer gebruik. 

En verder…

… valt op dat steeds meer studenten hun weg weten te vinden naar de schoolpastor op de Kluiverboom, Kardingerweg en Kardingerplein door verwijzingen van klasgenoten.

… is op dezelfde locaties bij studenten veel vraag naar gesprekken met de pastor. Veel gesprekken gaan over rouwverwerking, maar ook over suïcide. De schoolpastor gaat laatstgenoemd thema in 2019 nader verdiepen, ook in het kader van de Veilige school.

… is de identiteitshoek op de locatie Voltastraat verplaatst van de hal naast het schoolrestaurant en naar aanleiding daarvan opnieuw ingericht met onder andere een nieuw spandoek.

… is er in Hardenberg een projectplan gemaakt en ingediend voor de aanvraag van een Soulmate, een kleine, individuele bezinningsplek. Dit als aanvulling op de stilteruimte die in 2017 is gerealiseerd, maar waar naar verhouding weinig gebruik van gemaakt wordt door studenten.

… wordt er in Hardenberg ook nagedacht over hoe identiteitsactiviteiten vorm en inhoud kunnen krijgen vanuit onderwijsteams en studenten, bijvoorbeeld door ze onder te brengen bij projectenbureau AlfaDOET! of door ieder team een project te laten adopteren.

Deze placemat kregen studenten in Hoogeveen tijdens het eerste Pinksterontbijt op die locatie. Deze placemat kregen studenten in Hoogeveen tijdens het eerste Pinksterontbijt op die locatie.

3.12 Maatschappelijk actief in de regio

Het Alfa-college is maatschappelijk actief in de regio. Dit blijkt onder andere uit de verwevenheid van het Alfa-college met zijn omgeving en de intensieve samenwerking met partners bij de vormgeving van het onderwijs. Elders in dit jaarverslag zijn hiervan diverse voorbeelden genoemd.

Het maatschappelijk ondernemerschap van het Alfa-college komt ook tot uiting in activiteiten die onze deelnemers en medewerkers ontplooien in hun buurt en regio ten behoeve van bijvoorbeeld goede doelen, zowel binnen als buiten het kader van het onderwijs. Hieronder noemen we per regio voorbeelden van maatschappelijke activiteiten:

Groningen

  • Maar liefst 400 studenten Sport & Bewegen hebben bijgedragen aan de Koningsspelen op 20 april. Zij begeleiden of organiseren deze nationale sportdag op vijftien basisscholen in stad en provincie.
  • Twaalf studenten Productonderzoeker/Human Technology hebben innovatieve, duurzame lichtobjecten ontworpen voor de gemeenten Groningen en Harlingen. Hiermee hebben ze de landelijke ontwerpwedstrijd Light Challenge gewonnen.
  • Studenten Sport & Bewegen in Assen hebben een voetbaltoernooi georganiseerd voor vluchtelingen.
  • Studenten en medewerkers van het Alfa-college hebben vijftig vrouwen van de Voedselbank Hoogezand een mooie dag aangeboden, inclusief knipbeurt, schoonheidsbehandeling en een leuke workshop.
  • Studenten Sport & Bewegen hebben lesgegegeven aan ruim 130 sporttalenten uit Noord-Nederland.
  • Ruim vijftig studenten van de opleiding Specialist Mode/Maatkleding hebben bijgedragen aan het project Sheltersuits, ten behoeve van vluchtelingen en daklozen.
  • Studenten Maatschappelijke Zorg hebben een bingo-sinterklaasavond gehouden voor ruim veertig dak- en thuislozen.

Hardenberg

  • Studenten van de opleiding Leisure & Hospitality hebben dinershows georganiseerd, waarvan de opbrengst ten goede kwam aan de stichting 'The Home of Hope & Dreams'. Bij de dinershows waren ook studenten van de koksopleidingen en Facilitair leidinggevende betrokken.
  • Studenten van de opleiding Handel en Ondernemen hebben onderzoek gedaan naar kansen voor het winkelcentrum van Hardenberg. Hun voorstellen zijn gepresenteerd en overgedragen aan de gemeente Hardenberg.
  • Studenten Facilitair Leidinggevende en Manager Ondernemer Horeca hebben een beurs gehouden in het LOC+, rond het thema koolhydraatarme voeding en leefstijl.
  • Studenten van de opleiding MBO-verpleegkunde hebben zorgvakanties georganiseerd voor ouderen.
  • Studenten Leisure & Hospitality hebben twee Sinterklaasshows gehouden voor kinderen uit groep 1 t/m 4 uit Hardenberg en omstreken.

Hoogeveen

  • Leerlingen van RSG Stad en Esch in Meppel met het profiel Horeca, Bakkerij en Recreatie konden een aantal middagen voor praktijklessen terecht bij het Alfa-college in Hoogeveen. Stad en Esch beschikte op dat moment niet over de juiste faciliteiten om het volledige onderwijsprogramma voor Bakkerij uit te voeren.
  • Studenten van de opleiding Verpleegkunde hebben op het Alfa-college een verwendag gehouden voor medewerkers van zorgorganisatie NNCZ.
  • Studenten van de opleiding Tandartsassistent hebben poetsles gegeven op diverse basisscholen in de regio.
  • Tweede- en derdejaarsstudenten van verschillende opleidingen Zorg, Welzijn en Bouwkunde hebben voor Geopark de Hondsrug in Borger een prehistorische speeltuin ontworpen.
  • Niet in de regio, wel maatschappelijk betrokken: studenten Techniek en Welzijn hebben meegewerkt aan het opknappen van een school in Zenica in Bosnië.
  • Studenten van opleidingen Zorg, Welzijn en de Business School hebben een 'Dag van Beweging' georganiseerd voor ouderen en mensen met een beperking.

3.13 Sociale veiligheid

Het doel voor 2018 was om twee zaken af te ronden waarmee in 2017 reeds begonnen was, en wel de Monitor Sociale Veiligheid en de Kadernotitie sociale en fysieke veiligheid.

De Monitor Sociale Veiligheid is afgenomen bij 643 medewerkers en 1.623 BOL-studenten vanaf het tweede jaar. Overeenkomstig de landelijke trend is het subjectieve veiligheidsgevoel bij studenten van het Alfa-college enigszins gedaald, maar nog steeds voelt zo’n 80% zich veilig tot zeer veilig op en rond de school. Voor de medewerkers ligt dit percentage redelijk stabiel rond de 95%.

De objectieve veiligheid is gemeten aan de hand van het percentage slachtoffers op het gebied van materieel en psychisch-fysiek geweld. De resultaten hiervan zijn voor zowel studenten als medewerkers van het Alfa-college beter dan landelijk. Het percentage slachtoffers van materieel geweld ligt bij medewerkers op 3% en bij studenten op 7%. Het percentage slachtoffers op psychisch-fysiek geweld ligt voor medewerkers en studenten op respectievelijk 18% en 11%. Hierbij gaat het met name om 'uitschelden'. Deze categorie heeft blijkbaar geen grote invloed op het relatief hoge subjectieve gevoel van veiligheid bij studenten en medewerkers.

Alle uitslagen van de monitor zijn op de locaties zelf besproken en vervolgens hebben de coördinatoren Veilige School de locatieresultaten en maatregelen gepresenteerd in de brede regiegroep Veilige School waarbij ook de voorzitter van het College van Bestuur en de externe vertrouwenspersonen aanwezig waren. Tevens werden in dat overleg de incidentregistraties besproken. Daarin werden geen afwijkingen met vorige jaren geconstateerd. Het enige opmerkelijke was dat meer medewerkers de weg naar de coördinator Veilige School hebben gevonden. De in het vorig jaar geconstateerde lichte stijging bij Digipesten heeft zich niet doorgezet. In 2018 zijn er, net als in de voorgaande jaren, geen klachten over discriminatie, seksuele intimidatie en andere zaken gemeld bij de Landelijke Klachtencommissie voor het Christelijk Onderwijs.

Voorgestelde maatregelen naar aanleiding van de bovenstaande analyse zijn onder andere aandacht voor de pedagogische visie, regels en grenzen, scholing van mentoren in verband met vroegtijdig signaleren van spijbelen en drugshandel, aandacht voor de afhandeling van diefstal, aandacht voor sfeer en gezelligheid onder medewerkers, een studiedag in Hardenberg en nog meer initiatief tonen naar externe partijen.

Dat laatste was op twee fronten reeds een succes in 2018: in de gemeente Hardenberg hebben we gehoor en steun gevonden voor onze zorg voor een groep studenten in de vorm van een gezamenlijk project ‘Preventieve aanpak van een problematische jeugdgroep’ en in Groningen is er een samenwerkingstraject gestart met de politie op het gebied van cybercrime.

Het tweede te realiseren punt in 2018 was de Kadernotitie sociale en fysieke veiligheid. Deze is in januari 2019 besproken met het College van Bestuur en vastgesteld. Deze notitie besteedt aandacht aan visie, taken, functies en de organisatie van de Veilige School.

In de visie benadrukken we de integrale veiligheid. De facilitaire, fysieke en sociale veiligheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, maar ook het vak Burgerschap en het pastoraat sluiten aan bij de doelen van de Veilige School. Daarnaast vormen ook de dienst HRM en de Gezonde school onderdelen van de Veilige School. Daarom gebruiken we de term ‘Veilige School’ in plaats van ‘Sociale Veiligheid’. Verder wordt in de visie gesproken over de voortdurend noodzakelijke dialoog over vrijheid, grenzen, waarden en regels. Een veilige school is méér dan het tegengaan van onveiligheid en ongewenst gedrag. Er moet ruimte en geborgenheid zijn om irritaties, tegenstellingen en conflicten met elkaar te bespreken. Incidenten kunnen dan ook vroegtijdiger worden gesignaleerd, opgepakt en opgelost. In de kadernotitie is bij het onderdeel ‘taken en functies’ nu ook speciaal aandacht voor taken op het gebied van bedrijfshulpverlening en de positionering van het crisisteam.

We kunnen nu dan ook vaststellen dat beide zaken genoemd in de eerste alinea naar volle tevredenheid zijn afgerond in 2018.

Er zijn in 2018 geen personele wijzigingen geweest bij de coördinatoren van de Veilige School. Hier zijn we blij mee omdat de coördinatoren een soort van spilfunctie vervullen op het gebied van de Veilige School. Continuïteit bevordert de deskundigheid. Alle uitvoerende taken op het gebied van de Veilige School zijn dan ook goed verlopen: op alle locaties is de Diversiteitsdag gevierd, alle geplande overleggen zijn doorgegaan, de site van de Veilige School staat op AlfaConnect en er is een nieuw stappenplan ontwikkeld waarin staat beschreven hoe er gehandeld moet worden na de melding van een incident. In dit stappenplan wordt de mogelijkheid van een onterechte melding benadrukt.

Ook in 2019 is er weer genoeg werk aan de winkel voor de Veilige School. We proberen onze protocollen ook ‘medewerkerproof’ te maken. Dat is nodig omdat zij aanvankelijk opgezet waren vanuit de gedachte dat voornamelijk studenten zouden melden. Er wordt in 2019 in samenwerking met de dienst HRM een nieuwe gedragscode voor medewerkers ontwikkeld. Verder proberen we in samenwerking met de facilitair managers de veiligheidsgaranties voor de buitenlocaties te concretiseren. En tot slot wordt het tijd voor het opstellen van een draaiboek voor de Diversiteitsdag.

 

Klachten sociale veiligheid

Ten behoeve van de behandeling van klachten op het gebied van discriminatie, seksuele intimidatie en andere klachten op het gebied van sociale veiligheid is het Alfa-college aangesloten bij de Landelijke Klachtencommissie voor het Christelijk Onderwijs in Den Haag. 

In 2018 zijn er net als in 2016 en 2017 geen klachten op het gebied van sociale veiligheid tegen medewerkers of deelnemers van het Alfa-college ingediend.
 

3.14 Internationalisering

Nadat 2017 in het teken stond van ‘Internationalisering Alfa-college in een nieuwe fase’  zijn we in 2018 daar actief en bewust mee aan de gang gegaan. Dat betekende dat we keuzes maakten in het uitvoeren van verschillende internationaliseringsactiviteiten via verschillende financiële stromen zoals de subsidies vanuit Erasmus maar ook de grote aanvullende financiële bijdrage vanuit het Alfa-college. Het in kaart brengen, de uitvoering en de monitoring van alle internationaliseringsactiviteiten gaf in het begin de nodige strubbelingen. Om grip en borging goed te laten verlopen zijn we eind 2018 begonnen met een aantal LEAN-sessies om in 2019 procedures en processen effectiever te maken. Daarnaast hebben we in 2018 onze begrotingssystematiek onder de loep genomen en besloten om zowel de Erasmussubsidie, die in principe per 1 juni van een jaar start en eindigt op 31 mei, parallel te laten lopen met de begroting van het Alfa-college die van 1 januari tot en met 31 december loopt.

Daarnaast is per 1 maart 2018 de pilot gestart om te onderzoeken of internationalisering beter gepositioneerd kan worden onder de onderwijsdirecteur die de portefeuille internationalisering onder zijn hoede kreeg. Halverwege 2019 zal er een evaluatie plaatsvinden om te bepalen of het onderbrengen van internationalisering bij een onderwijsdirecteur de verwachte meerwaarde heeft.

Strategisch en operationeel platform internationalisering

De leden van het Strategisch platform hebben m.b.v. de input van de leden van het Operationeel platform de  begroting voor internationalisering 2019  per regio/locatie gemaakt en vastgesteld. Tijdens de jaarlijkse gezamenlijke bijeenkomst van deze platforms in november 2018 is aandacht besteed aan en input geleverd voor het nieuwe strategisch beleidsplan internationalisering dat in augustus 2019 ingaat.

Tijdens de reguliere overleggen van beide platforms worden thema’s uit Europa besproken die verbonden zijn met de strategie en het beleid van het Alfa-college en tevens worden ervaringen uitgewisseld. Deze uitwisseling was in 2018 extra belangrijk aangezien zowel bij het Strategisch platform als bij  het Operationeel platform de samenstelling grotendeels veranderde. Keuzes vanuit de locatie/regio om andere collega’s in te zetten, mutaties, het einde van dienstverbanden van collega’s en de aanstelling van nieuwe medewerkers speelden hierbij een grote rol.

Activiteiten

Dit jaar zijn verschillende projecten afgerond nadat de eindrapportages allemaal waren goedgekeurd door de verschillende Europese Agentschappen. In Groningen is bij de opleiding Uniformberoepen het Erasmusproject ‘Erasmus for Security’ (E4S) beëindigd. Daarnaast zijn er 2 Erasmusprojecten bij Educatie in Groningen, ‘Reshape’ en ‘Fastlane’, afgerond. Het Erasmusproject ‘Europäischer Trialog/ Vielfältigkeit in der Ausbildung’ in Hoogeveen is voortijdig gestopt aangezien 1 van de partners niet aan de voorwaarden kon voldoen. De Interreg-projecten waarin Duitsland en Nederland samenwerken zijn gecontinueerd. Er zijn veel uitwisselingsprogramma’s, variërend van een tot vijf dagen, georganiseerd met andere scholen waarbij ruim 300 studenten betrokken waren.

Dit jaar zijn er 8 groepen studenten naar Berlijn gegaan om een educatief programma te volgen, samengesteld door de respectievelijke opleidingen en de organisatie ‘Schoolclash’.

De taalschool in Barcelona is voor het tweede jaar bezocht door studenten uit Hoogeveen in het kader van een excellentieprogramma. Het programma bestond uit een combinatie van Spaanse taal en het bezoeken van bedrijven met opdrachten. Ook studenten Entree van de locatie Kluiverboom zijn een week in Barcelona geweest om daar een educatief programma te volgen. Er zijn door verschillende collega’s bezoeken gebracht aan o.a. Ierland, Baskenland en Engeland om uitwisselingsprogramma’s en/of educatieve programma’s te ontwikkelen, waarna studenten in 2019 naar de desbetreffende landen gaan om programma’s en/of onderdelen van hun opleiding te volgen. Ook de campus van NHL Stenden in Zuid Afrika is opnieuw bezocht door collega’s van de Kluiverboom om concrete afspraken te maken voor onze studenten. In Hoogeveen heeft de activiteitenweek weer plaatsgevonden waarin studenten een week lang met opdrachten een buitenlandse stad bezoeken. In Hardenberg hebben studenten ICT en Verpleegkunde/Verzorgende een buitenlandse excursie van een week gemaakt.

Opmerkelijk en ook mooi om te constateren is dat steeds meer studenten voor het volgen van een keuzedeel naar het buitenland gaan. Ook landen buiten Europa zijn in trek. Studenten hebben o.a. Suriname, de Nederlandse Antillen, Peru, Nepal, Tanzania, Indonesië, Vietnam, China en  Amerika bezocht.

Ook in 2018 hebben we opnieuw ingezet  op inkomende mobiliteit. We hebben collega’s uit Mallorca, Spanje, Finland,  Duitsland en Groot Brittannië in het kader van jobshadowing ontvangen. Een klein aantal studenten uit o.a. Finland en Spanje hebben vanuit hun stageverplichtingen het Alfa-college bezocht. Ook dit jaar was het vinden van geschikte woonruimte een grote uitdaging.  

We zijn eind 2018 benaderd door ESN Groningen (het Exchange Erasmus Student Network) om mogelijkheden te verkennen om de samenwerking tussen internationale studenten en studenten van het Alfa-college te stimuleren, waarbij we denken aan gastlessen van buitenlandse studenten, het leren van elkaars taal en het verkennen van de stad en provincie Groningen. De gesprekken vinden in 2019 plaats. We hopen op deze manier de inkomende mobiliteit te stimuleren.

Eind 2018 hebben we de interimrapportage voor de Charter, een soort certificaat voor internationalisering, ingediend en deze is goedgekeurd. Dit betekent dat we een waardige Charter-houder zijn en ons inzetten om internationalisering te versterken en verder in te bedden in onze organisatie.

Net zoals in 2017 hebben opnieuw twee collega’s mee gedaan aan het uitwisselingsprogramma met de VS. Deze keer waren het een collega van de locatie Admiraal de Ruyterlaan en een collega van de locatie Boumaboulevard/Atoomweg. Zij zullen in 2019 de Amerikaanse collega’s ontvangen op het Alfa-college. In 2018 bezochten twee Amerikaanse collega’s, waarbij we in 2017 op bezoek waren in de VS, het Alfa-college. De activiteiten tijdens deze uitwisseling zowel in Nederland als vorig jaar in de VS bestonden en bestaan uit het bijwonen van lessen, het uitwisselen van ervaringen, het vergelijken van onderwijsculturen en -curricula en het bezoeken van bedrijven.

Ook in 2018 vond, nu voor de derde maal, onze internationale stagemarktweek plaats. Veel verschillende stageorganisaties gaven workshops of stonden in stands om informatie te geven. De markt werd druk bezocht. Aandachtspunt voor het komende jaar is om ook op de locatie Admiraal de Ruyterlaan meerdere organisaties te ontvangen en zodoende het enthousiasme onder studenten en medewerkers te vergroten. De opkomst was nu erg mager met slechts drie organisaties die aanwezig waren.

Mobiliteit

De mobiliteit van studenten en medewerkers is vergeleken met 2017 gestegen. Studenten zijn voor stages in het kader van excellentie, burgerschap, opleidingsmodules of keuzedelen naar het buitenland gegaan. Medewerkers hebben als begeleider van een groep, i.h.k.v. stagebezoeken of professionalisering een bezoek aan het buitenland gebracht.

In onderstaande tabellen worden de kwantitatieve gegevens getoond rondom de internationaliseringsactiviteiten. In de tabellen worden de aantallen studenten en medewerkers genoemd die in het kader van projecten, professionalisering, netwerkcontacten of in het kader van opleiding, burgerschap en/of stage het buitenland hebben bezocht.

Mobiliteit studenten en medewerkers binnen Europa, gesubsidieerd onder Erasmus Plus

Mobiliteit studenten en medewerkers binnen Europa, gesubsidieerd onder Erasmus Plus
jaar studenten medewerkers
2016 281 72
2017 356 89
2018 269 52

Mobiliteit studenten binnen en buiten Europa, niet-gesubsidieerd, minimaal 5 dagen

Mobiliteit studenten binnen en buiten Europa, niet-gesubsidieerd, minimaal 5 dagen
jaar binnen Europa buiten Europa totaal
2016 430 68 498
2017 173 53 226
2018 999 26 1025

Mobiliteit medewerkers binnen en buiten Europa, niet-gesubsidieerd, minimaal 5 dagen

Mobiliteit medewerkers binnen en buiten Europa, niet-gesubsidieerd, minimaal 5 dagen
jaar binnen Europa buiten Europa totaal
2016 40 22 62
2017 24 11 35
2018 86 6 92

Daarnaast hebben 345 studenten voor een eendaagse uitwisseling met hun opleiding het buitenland bezocht.

I-CNN  en CATCH

De gezamenlijke Erasmus-aanvraag Call 2018 van het I-CNN, het consortium van het Alfa-college met ROC Friese Poort en Landstede is ook in 2018  gehonoreerd, waardoor we als consortium een bedrag van 547.494,- ontvingen voor studenten en € 171.370,- voor medewerkers.

De Erasmussubsidie geldt voor 2 jaar. Het Alfa-college put echter deze subsidie in 1 jaar uit. Gelukkig kan er elk jaar aangevraagd worden, waardoor we elk jaar van deze subsidie gebruik kunnen maken.

Naast I-CNN werken we ook samen in het samenwerkingsverband CATH waarin het Alfa-college samenwerkt met ROC de Leijgraaf, ROC Nijmegen, het Da Vinci college, het ID-college en ROC West-Brabant. Tijdens overleggen hebben we aandacht voor de aanmeldingen en begeleiding van studenten die de Summercamps in de VS bezoeken, delen we ervaringen en ondersteunen we elkaar bij nieuwe initiatieven.

Innovatie

Lopende innovatieve projecten zijn twee Erasmusprojecten in Groningen. Het project ‘Young talents’ is een cross-over project van de opleiding Hout en Meubel op de locatie Admiraal de Ruyterlaan en de opleiding Marketing op de Boumaboulevard, waarbij studenten Marketing onderzoeken welke producten verkocht kunnen worden en de opleiding Hout en Meubel vervolgens de producten maakt. Vervolgens wordt het product online verkocht. Daarnaast wordt er op de Admiraal de Ruyterlaan en bij de dienst Onderwijs en Kwaliteitszorg samengewerkt in het project ‘Tracktion’ waar aan alumni wordt gevraagd op welke wijze zij betrokken willen blijven bij het Alfa-college. Tegelijkertijd onderzoeken we wat alumni voor de school kunnen betekenen. Door deze onderwerpen op Europees niveau aan te pakken hopen we meer initiatieven boven tafel te krijgen.

Ook zijn er twee nieuwe Erasmusprojecten gestart. Het project ‘ECVET for IT’ is een samenwerking tussen de Boumaboulevard en Hardenberg. Onderdelen van ICT-opleidingen worden vergeleken met de intentie om na het project studenten uit de verschillende projectlanden te laten kiezen in welk projectland ze een bepaalde module willen gaan volgen.

Het project ‘Smart Energy Management’ (SEM) wordt op de Admiraal de Ruyterlaan uitgevoerd. Dit project heeft als doel dat docenten hun kennis over Smart Energy Management verbreden, contacten met bedrijven leggen over dit onderwerp en de internationaal verzamelde kennis delen met onze studenten en docenten.

Tenslotte zijn we als Alfa-college stakeholder en tegelijkertijd ook een soort partner in het Interreg Europe project ‘E-Cool’ dat we samen met de Hanzehogeschool uitvoeren en waar ons lectoraat ‘Ondernemen in verandering’ ook een rol speelt.

In mei 2018 hebben we een bijeenkomst gehad met taaldocenten over tweetalig onderwijs. Een collega van Nuffic heeft ons informatie gegeven over deze vorm van onderwijs en we hebben in groepen gesproken over de ervaringen met, mogelijkheden voor en randvoorwaarden van tweetalig onderwijs. Er komt een vervolg op deze bijeenkomst halverwege 2019.

Evaluatie

Studenten en medewerkers vullen na hun bezoek in het buitenland, als zij onder Erasmus-voorwaarden zijn gegaan, een evaluatieformulier, het Participant Report, in. Op basis van dit evaluatieformulier krijgen we inzicht in wat studenten en medewerkers van het bezoek in het buitenland vonden. De projecten die uitgevoerd worden hebben tussentijdse evaluatiemomenten met progress- en interimreports.

Ook hebben in 2018  jaarplangesprekken plaatsgevonden met de leden van het Strategisch en het Operationeel platform. Deze gesprekken hebben als doel om te monitoren of de activiteiten genoemd in het strategisch plan internationalisering ‘Doelbewust naar ’t buitenland’  uitgevoerd worden. Tijdens de gesprekken worden resultaten in kaart gebracht en activiteiten indien nodig bijgesteld.